Elektrisch rijden: goedkoper in gebruik
In Europa, en met name in Frankrijk, zijn elektrische auto’s doorgaans nog duurder in aanschaf dan hun thermische tegenhangers, al wordt dat verschil kleiner naarmate de technologie zich verder verspreidt. Houd je echter rekening met energie-, onderhouds- en verzekeringskosten, dan blijkt een elektrische auto over de hele levensduur vaak voordeliger.
De introductie van sociaal lease-aanbod – met extreem lage maandlasten dankzij subsidies – heeft de markt bovendien een kunstmatige boost gegeven.
In China zijn er eveneens veel subsidies, maar daar hebben ze geleid tot een ongekende democratisering van de elektrische auto. Sommige modellen zijn er zelfs te koop voor bedragen die in Frankrijk nog overeenkomen met de prijs van een elektrische scooter!
Alles-in-één voor minder dan €6.000
De nieuwe Pony 2026, van de Chinese fabrikant FAW Bestune, werd officieel gepresenteerd op 27 juli tijdens het Fan Cooling Festival in Changchun (provincie Jilin). De auto wordt daar verkocht voor 34.900 tot 45.900 yuan, oftewel zo’n €4.100 tot €5.400.
De Pony blijft een ultracompacte stadsauto: drie deuren, vier zitplaatsen en een hoekig design dat haar meteen herkenbaar maakt. Het nieuwe model is verkrijgbaar in vijf uitvoeringen, alle voorzien van een batterij met een bereik van 222 kilometer (CLTC-norm). Dat is een flinke sprong ten opzichte van de vorige versie (2025), die niet verder kwam dan 122 km.
Qua afmetingen is er niets veranderd: 3 meter lang, 1,51 meter breed en 1,63 meter hoog, met een wielbasis van 1,95 meter. Het zijprofiel wordt gekenmerkt door opvallende wielkasten, witte buitenspiegels en aerodynamische velgen. De achterzijde volgt dezelfde designtaal, waardoor het geheel een moderne, compacte look behoudt.
Meer technologie aan boord
Het interieur blijft trouw aan het vorige model, maar is op de duurdere versies uitgebreid met een 10,1-inch touchscreen, de slimme assistent DeepSeek, keyless start en OTA-updates voor het infotainmentsysteem.
De auto wordt aangedreven door een permanente magneet-synchronmotor op de achteras, goed voor 42 pk en 90 Nm koppel. De LFP-batterij van 18,11 kWh levert voldoende vermogen voor de opgegeven 222 kilometer rijbereik.
Ter vergelijking: de Pony van 2024 had slechts 28 pk, 122 km actieradius en kostte destijds 28.900 yuan (ongeveer €3.700). De vooruitgang op het vlak van prestaties en autonomie is dus significant.
Komt de Pony ooit naar Europa?
Het antwoord is simpel: nee. Om zo’n lage prijs te kunnen aanbieden, voldoet de auto niet aan de Europese veiligheids- en milieunormen. Voeg daarbij importheffingen, transportkosten en de noodzaak van extra uitrusting en de prijs zou al snel verdrievoudigen of verviervoudigen. Hij zou dan qua prijs concurreren met modellen als de Dacia Spring of Citroën ë-C3, en daarmee zijn prijsvoordeel volledig verliezen.