Jeremy Clarkson – jarenlang hét gezicht van Top Gear en later The Grand Tour – is niet bepaald iemand die zijn mening voor zich houdt. Tegenwoordig is hij naast autofanaat ook succesvol boer, te zien in zijn populaire Prime Video-serie Clarkson’s Farm. Toch blijft de auto-industrie een onderwerp waar hij zich mateloos over kan opwinden. In een uitgebreid gesprek met autojournalist, verzamelaar en mede-boer Harry Metcalfe op diens YouTube-kanaal Harry’s Garage, legt Clarkson uit waarom nieuwe auto’s hem nauwelijks nog boeien.
Te veel schermen, te weinig emotie
Clarkson gelooft dat moderne auto’s hun ziel hebben verloren. Waar auto’s vroeger volgens hem glamour, snelheid en zelfs een vleugje gevaar uitstraalden, zijn ze nu verworden tot wat hij smalend “vormloze blobs” noemt. Zijn grootste ergernis: de opmars van de touchscreen.
Hij vergelijkt de overdaad aan instellingen in bijvoorbeeld een nieuwe BMW M5 met een grafische equalizer uit de jaren zeventig – eindeloos schuiven en instellen, zonder dat het ergens toe leidt. Bovendien werkt het onhandig: in een rechtsgestuurde auto moet Clarkson zijn linkerhand gebruiken, en dat gaat vaker mis dan goed. Het gevolg? Het verkeerde menu, vingerafdrukken op het scherm, en vooral veel frustratie. “De reden dat ik nog in een 18 jaar oude Range Rover en een 12 jaar oude Jaguar rijd, is simpel: die hebben nog knoppen. Dan druk je gewoon, zonder gedoe.”
Overactieve veiligheidssystemen
Niet alleen de schermen, ook de verplichte veiligheidstechniek haalt volgens Clarkson de lol uit autorijden. Overheden zijn volgens hem verantwoordelijk voor de stortvloed aan waarschuwingen en assistenten. Elke keer als hij instapt moet hij eerst een reeks handelingen uitvoeren om rijstrookbewaking of piepjes voor de snelheidslimiet uit te schakelen. “Voor iemand zoals ik, die elke week in een andere auto rijdt, kost dat tien minuten in de menu’s. Dat drijft me tot waanzin.”
Jaguar: van onverwoestbaar naar elektrisch
Clarkson heeft altijd een zwak gehad voor Jaguar. Hij herinnert zich hoe hij ooit een F-Type meenam naar Mauritanië voor The Grand Tour. Met de reputatie van het merk in zijn achterhoofd verwachtte hij dat de auto uit elkaar zou vallen in de Sahara. Tot zijn verbazing hield de Jaguar echter stand. “Onverwoestbaar,” concludeerde hij na de rit.
Tegelijkertijd begrijpt hij dat Jaguar de elektrische weg is ingeslagen. Het merk verkocht nauwelijks nog F-Types of XJ’s en moest iets veranderen. Clarkson vond de advertentiecampagne zonder auto dan wel vreemd, maar ziet de logica: vooral in Amerika is er volgens hem een miljoenenpubliek dat een elektrische Jaguar juist wél aantrekkelijk vindt. Zelf voelt hij daar niets voor: “Ik ga het nooit kopen, maar ik snap waarom ze het doen.”
Elektrische auto’s raken hem niet
Daarmee komt Clarkson op zijn grootste bezwaar: de elektrische auto zelf. Hij kan er simpelweg niet enthousiast over worden. “Hoe kan ik genieten van een rit als dat verdomde ding geen geluid maakt?” Toch zag hij laatst een uitzondering: de nieuwe elektrische Renault 5. Clarkson vond het een fraai ontwerp, met speelse gele accenten in het interieur. Maar uiteindelijk sneuvelde ook dit model op hetzelfde punt: “Als er maar een motor in zat.”
Wanneer auto’s op hun top waren
Volgens Clarkson ligt het hoogtepunt van de auto-industrie niet voor ons, maar achter ons. Hij noemt het moment dat auto’s alles hadden wat je redelijkerwijs mocht verwachten: airco, navigatie, cabriodaken die onderweg geopend konden worden. Ze waren comfortabel, snel, zuinig en betrouwbaar. “Ongeveer tien jaar geleden was dat punt bereikt. Daarna is het alleen maar elektronisch en idioot geworden.”
Geen reden om nog iets nieuws te kopen
Voor zichzelf ziet Clarkson dan ook geen enkele noodzaak meer om een nieuwe auto aan te schaffen. Zijn Jaguar F-Type doet het immers nog prima, op wat krakende ventilatieroosters na. Hij kocht de auto tweedehands voor twintigduizend pond en rijdt er nog dagelijks in. “Ik ben 65. Waarom zou ik dat verkopen? Het werkt, en ik heb simpelweg geen behoefte meer aan een nieuwe auto.”
Typisch Clarkson
Clarkson’s uitspraken zijn typisch hem: uitgesproken, scherp en soms provocerend, maar ze raken wel een gevoelige snaar bij veel autoliefhebbers. Zijn afkeer van overbodige elektronica en emotieloze EV’s benadrukt de kloof tussen de autowereld van vroeger en die van nu. Of je het nu met hem eens bent of niet, Clarkson blijft een van de luidste stemmen in het debat over de toekomst van de auto.