Nieuws

Deze Nederlandse chipfabrikant zet de hele auto-industrie op scherp: ‘Zonder deze onderdelen kunnen we geen auto meer maken’

Wat begon als een diplomatiek conflict tussen Washington en Peking, kan nu uitlopen op een productiestop bij BMW, Mercedes en Volkswagen. En de lont in het kruitvat ligt in Nederland.

Redactie Autobahn
4 minuten
Nexperia
Europese auto-industrie
Nederlandse automarkt
Deze Nederlandse chipfabrikant zet de hele auto-industrie op scherp: ‘Zonder deze onderdelen kunnen we geen auto meer maken’

Een Nederlands technologiebedrijf, klem tussen twee grootmachten, dreigt de Europese auto-industrie tot stilstand te brengen. Door het handelsconflict tussen de Verenigde Staten en China kan de Nijmeegse chipfabrikant Nexperia zijn leveringen niet langer garanderen. En dat is slecht nieuws voor vrijwel elk merk dat in Europa auto’s bouwt.

De chip die alles stil kan zetten

In moderne auto’s zitten honderden kleine halfgeleiders. Ze regelen verlichting, airbags, stuurhulp, remsystemen en infotainment. Veel van die onderdelen komen van Nexperia, een Nederlands bedrijf dat chips produceert in Hamburg en Nijmegen, maar de eindassemblage in China laat uitvoeren.

Toen de Nederlandse regering vorige week de Chinese directie afzette en de zeggenschap overnam, sloeg Peking terug: China verbood de export van Nexperia-chips. Sindsdien vrezen autofabrikanten een domino-effect. “Zonder deze onderdelen kunnen Europese leveranciers simpelweg geen complete systemen meer leveren,” waarschuwt de Europese autokoepel ACEA.

Nog maar twee weken voorraad

Volgens bronnen binnen de industrie hebben veel fabrikanten nog voor hooguit twee weken aan chips op voorraad. Daarna kan de productie stilvallen. Vooral BMW, Mercedes-Benz, Volkswagen en Bosch zouden direct geraakt worden.

De ACEA noemt de situatie “zorgwekkend” en zegt dat Europa binnen dagen met een noodplan moet komen. “We bevinden ons plots in een alarmerende positie,” aldus directeur Sigrid de Vries.

Nederland tussen Washington en Peking

De crisis ontstond nadat de Verenigde Staten druk uitoefenden op Den Haag om de Chinese invloed binnen Nexperia te beperken. Het bedrijf is eigendom van het Chinese Wingtech, dat in de VS op een zwarte lijst staat wegens ‘risico voor de nationale veiligheid’.

Onder Amerikaanse druk besloot de Nederlandse overheid om de Chinese CEO af te zetten en toezicht te nemen over Nexperia. Peking reageerde woedend en verbood vervolgens dat onderdelen met Nexperia-chips China nog mochten verlaten. Daarmee ging 80 procent van de export op slot. De Amerikaanse regering reageert tevreden, maar Europa voelt de pijn.

De afhankelijkheid van één klein land

Nexperia is relatief klein – 1,8 miljard euro omzet en 12.500 werknemers – maar het levert basischips voor talloze systemen. In die categorie heeft het bedrijf een marktaandeel van ruim 40 procent wereldwijd.

Of het nu gaat om ledlampjes, airbags of startonderbrekers: bijna elke Europese auto bevat wel iets van Nexperia. Dat maakt de verstoring extra pijnlijk. “Het is alsof een auto zonder een simpel transistorblokje ineens niet meer kan starten,” zegt technologiespecialist Ian Riches van TechInsights. “Het zijn goedkope onderdelen, maar zonder die kleine schakels valt de hele keten stil.”

De auto-industrie in paniekmodus

Automerken reageren onrustig. Volkswagen heeft een taskforce opgericht die dagelijks overleg voert met leveranciers. Mercedes-Benz onderzoekt de impact en BMW zegt dat delen van het leveringsnetwerk al getroffen zijn.

Bij Bosch, zelf een van de grootste toeleveranciers, klinkt dezelfde bezorgdheid. “We staan in nauw contact met onze partners en proberen de gevolgen te beperken,” laat het concern weten.

De situatie doet denken aan het chiptekort tijdens de coronapandemie, toen Europese autofabrieken maandenlang deels stillagen en levertijden van nieuwe auto’s opliepen tot meer dan een jaar.

Hamsterwoede in de chipmarkt

Sinds begin deze week is er een run op Nexperia-chips bij Europese distributeurs. Elektronicaleveranciers melden recordaantallen bestellingen, vaak van bedrijven die proberen hun eigen noodvoorraad aan te leggen.

Volgens handelaar Noureddine Seddiki van Sand & Silicon worden de chips inmiddels handmatig toegewezen. “Normaal verloopt dit proces automatisch. Dat het nu handmatig gebeurt, laat zien hoe ernstig de markt verstoord is.”

Experts waarschuwen dat deze ‘hamsterwoede’ de situatie kan verergeren. “Er is voorlopig genoeg voorraad, maar als iedereen tegelijk begint te hamsteren, krijgen we echt tekorten,” aldus Zeddiki.

Wat fabrikanten nog kunnen doen

Autobouwers proberen de schade te beperken. Sommige overwegen duurdere chips van andere producenten te gebruiken om de productie draaiende te houden. Anderen werken aan ‘lochverbau’, waarbij auto’s onaf worden geassembleerd en later worden afgebouwd zodra de chips weer beschikbaar zijn.

Toch kan het maanden duren om nieuwe leveranciers te certificeren. “De keten is complex,” zegt een insider. “Eén component vervangen betekent opnieuw testen, goedkeuren en produceren. Dat kost tijd die niemand nu heeft.”

Europa’s zwakke plek

De crisis legt opnieuw bloot hoe kwetsbaar Europa is op technologisch gebied. Ondanks miljardeninvesteringen in chipproductie blijft het continent sterk afhankelijk van Aziatische en Amerikaanse toeleveranciers.

Volgens brancheorganisatie ZVEI kan de verstoring zelfs delen van de wereldwijde productie lamleggen als er geen politieke oplossing komt. “We hebben nu pragmatische, snelle beslissingen nodig,” aldus voorzitter Wolfgang Weber.

Klem tussen de belangen

Voor Nederland is de kwestie extra pijnlijk. Het land profileert zich internationaal als technologische speler met bedrijven als ASML en Nexperia, maar komt nu klem te zitten tussen de belangen van Washington en Peking.

Bovendien ligt de toekomst van honderden banen in Hamburg en Nijmegen op het spel. Nexperia zelf probeert zijn productie draaiende te houden, maar erkent dat “dagelijkse operaties onder druk staan”.

Het is nog onduidelijk of China zijn exportblokkade opheft. Tot die tijd blijft de angst dat de volgende chipcrisis opnieuw in Europa begint – dit keer niet door een virus, maar door politiek.