De vorst keert terug vannacht: 7 onmisbare tips voor automobilisten om schade te voorkomen

Het is zover. Na een periode van relatieve zachtheid duikt het kwik vannacht onder het vriespunt. Dat betekent morgenochtend: krabben, vastgevroren deuren en een hoop ellende voor wie niet is voorbereid. Om te voorkomen dat je met je blote handen het ijs van je voorruit staat te bikken (of erger: schade rijdt), hebben wij de 7 ultieme tips verzameld.

De vorst keert terug vannacht: 7 onmisbare tips voor automobilisten om schade te voorkomen

1. De handrem is je vijand

Een klassieke fout die je maar één keer maakt: de handrem aantrekken bij stevige vorst. De kabel waarin vocht zit kan vastvriezen, en dan kom je 's ochtends geen meter meer vooruit.

Je kunt dan gaan hannesen met de motor laten draaien of hopen dat het dooit, maar je bent hoe dan ook te laat op je werk. De oplossing is simpel en effectief: parkeer je auto in de eerste versnelling (of de 'P' bij een automaat) en laat die handrem volledig met rust.

Tenzij je op een extreem steile helling woont, blijft je auto echt wel staan door de compressie van de motor. Heb je toch twijfels? Leg dan voor de zekerheid een blokje of steen achter het wiel, maar raak die handremhendel niet aan.

2. Pas op met vaseline en WD-40

Er is niets gênanter dan aan je autodeur sjorren en alleen de handgreep in je handen overhouden terwijl de deur geen millimeter meegeeft. Deurrubbers zijn poreus en houden vocht vast, waardoor ze bij vorst aan het metaal van de carrosserie vriezen. Als je dan lomp trekt, scheur je het hele rubber kapot.

De oude truc met vaseline of WD-40 wordt vaak genoemd, maar is niet zonder risico. Deze middelen bevatten aardolieproducten of oplosmiddelen die op termijn je rubber kunnen aantasten, laten uitdrogen of opzwellen.

Gebruik liever een speciale rubber-stick van de automaterialenzaak, siliconenspray of simpel talkpoeder. Zorg wel dat het rubber eerst goed droog en schoon is voordat je het invet, anders sluit je het vocht juist op.

3. Ruitenwissers in de lucht

Als je ruitenwissers vastvriezen aan de ruit en je zet ze per ongeluk aan (bijvoorbeeld omdat de hendel nog op 'auto' stond), gebeuren er twee dingen: of je zekering klapt eruit, of je trekt het rubber van het wisserblad kapot. In het ergste geval verbrand je zelfs je ruitenwissermotor.

De preventie is simpel: zet ze 's avonds even omhoog, zodat ze de ruit niet raken. Woon je in een buurt waar vandalen er dan mee aan de haal gaan? Doe er dan oude sokken of plastic zakjes omheen.

Het ziet er niet uit, maar het voorkomt dat het rubber vastvriest aan het glas. Zorg ook dat je ruitenvloeistof voldoende antivries bevat (de blauwe variant), anders bevriezen je sproeiers alsnog tijdens het rijden.

4. De heet-water-doodzonde

Je ziet het elk jaar weer gebeuren in YouTube-compilaties: iemand die denkt slim te zijn door een emmer heet water over de bevroren voorruit te gooien. Doe. Het. Niet. Glas kan slecht tegen extreme temperatuurverschillen (thermische schok).

Door het hete water op het ijskoude glas te gooien, barst je ruit sneller dan je "oeps" kunt zeggen. Zelfs een klein sterretje kan hierdoor direct uitscheuren tot een barst van jewelste.

Gebruik liever een goede ruitontdooispray. Dit werkt veel sneller dan krabben en voorkomt krassen op je ruit. Heb je dat niet? Dan is een stevige ijskrabber je beste vriend.

Krab altijd van je af en zorg dat je krabber schoon is om zandkrassen te voorkomen. Een scherm of stuk karton (geen krantenpapier, dat vriest vast!) op de ruit leggen de avond tevoren is natuurlijk de allerbeste oplossing.

5. Accu 'wekken' met koplampen

Bij extreme kou heeft je accu het zwaar. De chemische processen in de batterij werken trager, waardoor hij minder startstroom levert. Tegelijkertijd is de motorolie dikker en stroperiger, waardoor de startmotor harder moet werken om de boel rond te krijgen. Een recept voor startproblemen dus.

Een slimme truc om de accu even 'wakker' te maken en de chemische reactie op gang te brengen: zet je koplampen (en andere stroomverbruikers) even kort aan (bijvoorbeeld 10 seconden) vóórdat je de motor start.

Schakel daarna wel alles (radio, ventilatie, stoelverwarming, lichten) weer uit tijdens het starten zelf, zodat alle beschikbare energie naar de startmotor gaat. Trap ook de koppeling in, dat scheelt weer weerstand van de versnellingsbak.

6. Stationair draaien is zinloos geweld

Het lijkt zo logisch en comfortabel: motor aan, kachel hoog en ondertussen buiten op je gemak krabben. Fout. Een moderne motor warmt stationair nauwelijks op. Hij draait op een laag toerental, waardoor de olie niet goed rondgepompt wordt en de verbranding niet optimaal is. Dit zorgt voor extra slijtage aan motoronderdelen en vervuiling van de olie.

Bovendien is het slecht voor het milieu en in sommige landen (zoals Duitsland en België) zelfs strafbaar om je motor onnodig stationair te laten draaien. De motor warmt pas echt op als hij belast wordt, oftewel: als je rijdt. Dus: eerst krabben, dan pas starten en direct rustig wegrijden.

7. Airco aan tegen beslagen ruiten

Als je eenmaal in de koude auto zit, beslaan je ruiten direct door je warme adem en de koude oppervlakken. Veel mensen zetten dan alleen de verwarming en de blazer aan, maar vergeten het krachtigste wapen: de airconditioning.

Zet de airco aan, ook in de winter. De airco koelt niet alleen, hij droogt de lucht ook razendsnel. Vochtige lucht wordt uit het interieur getrokken, waardoor je ruiten veel eerder schoon zijn dan met alleen de kachel.

Zodra je zicht hebt, kun je hem weer uitzetten, maar voor het ontwasemen is het essentieel. Het kost een klein beetje extra brandstof, maar veiligheid gaat voor. Zorg wel dat je de recirculatiestand (dat knopje met de pijl in de auto) UIT hebt staan, anders blaas je steeds dezelfde vochtige lucht rond.

Algemeen