Zodra het kwik onder het vriespunt duikt, denken de meeste automobilisten vooral aan het krabben van de ruiten. Er is echter een gevaar dat zich aan het zicht onttrekt en zich schuilhoudt op de warmste en droogste plek die buiten te vinden is: het motorruim van de auto.
De aantrekkingskracht van restwarmte
Wanneer een auto wordt geparkeerd na een rit, blijft het motorblok nog urenlang warmte uitstralen. Voor mensen is dit slechts restenergie, maar voor de lokale fauna is het een vijfsterrenhotel. In een wereld die bevroren is, fungeert de geïsoleerde ruimte onder de motorkap als een perfecte couveuse. Het is droog, windstil en behaaglijk warm.
Vooral katten, maar ook eekhoorns en ratten, kruipen via de wielkasten of de onderkant van het chassis naar boven om zich op of naast het motorblok te nestelen. Ze vallen daar vaak in een diepe slaap. Het probleem ontstaat op het moment dat de eigenaar de volgende ochtend nietsvermoedend instapt en de startknop indrukt.
De steenmarter: aartsvijand nummer één
Naast de huisdieren is er een nog groter gevaar voor de techniek: de steenmarter. Dit roofdier is inmiddels in grote delen van Nederland en België een ware plaag. Ze zoeken niet alleen warmte, maar vertonen ook territoriaal gedrag. Als een marter de geur van een rivaal ruikt in 'zijn' auto, gaat hij in de aanval. In zijn woede bijt hij in alles wat los en vast zit.
Hier komt een stukje technische kennis om de hoek kijken. Veel moderne bekabeling in auto's bevat bestanddelen die zijn gemaakt van soja of visolie. Voor een marter is dit onweerstaanbaar.
Ze knagen bougiekabels door, bijten in koelslangen en vernietigen de isolatie van de motorkap. Een doorgebeten koelslang kan leiden tot een oververhitte motor en een lekke koppakking, een reparatie die al snel in de papieren loopt.
De multiriem
Het grootste gevaar schuilt echter in de draaiende delen. Als een dier, of het nu een kat of een marter is, ligt te slapen in de buurt van de multiriem of de distributieriem, zijn de gevolgen bij het starten catastrofaal. De riem grijpt het dier, wat niet alleen fataal is voor het beestje, maar ook voor de motor.
Er zijn talloze gevallen bekend waarbij de resten van een dier ervoor zorgden dat de multiriem van de poelies liep. In het ergste geval kunnen stukken van deze riem achter de distributieriemkap terechtkomen.
Als de distributieriem hierdoor verspringt of knapt, raken de kleppen de zuigers. Het resultaat is een motor die van binnenuit wordt verwoest. De schadebedragen voor een revisie of een ruilmotor liggen tussen de drieduizend en tienduizend euro.
De preventieve klap
De oplossing is even simpel als doeltreffend. Voordat je instapt, geef je een paar ferme klappen met de vlakke hand op de motorkap. Niet zo hard dat er deuken ontstaan, maar hard genoeg om trillingen en geluid te veroorzaken in het motorruim. Dit schrikt een slapend dier af en geeft het de kans om te vluchten via de wielkast.
Wie zeker van zijn zaak wil zijn, wacht na de klap een paar seconden of toetert even kort voordat de motor wordt gestart. Het is een primitieve methode in een tijdperk van hightech sensoren, maar het is de enige manier om zeker te weten dat je niet onbedoeld een einde maakt aan een kattenleven of je eigen motorblok. Voor wie veel last heeft van marters zijn er geavanceerdere oplossingen zoals ultrasone verjagers of stroomplaatjes, maar de gratis motorkap-tik blijft de eerste verdedigingslinie.
Het klinkt misschien als bijgeloof, maar elke monteur die wel eens de trieste resten van een dier uit een motorruimte heeft moeten peuteren, zal beamen dat dit ritueel bittere noodzaak is. Het bespaart dierenleed, een hoop rommel en beschermt de portemonnee tegen onnodige kosten.
- Google AI Studio