Economen waarschuwen: Elektrisch rijden en openbaar vervoer worden in 2026 fors duurder

Het nieuwe jaar is begonnen en de glazen bol draait op volle toeren. Wat staat ons te wachten in 2026? Volgens een uitgebreide analyse van Trouw, waarin diverse sectoreconomen aan het woord komen, wordt het geen feestjaar. Het sleutelwoord lijkt 'duurder'. Of je nu de auto pakt, de trein neemt of het vliegtuig instapt: je portemonnee gaat pijn doen.

Economen waarschuwen: Elektrisch rijden en openbaar vervoer worden in 2026 fors duurder

Elektrisch rijden verliest zijn glans

Voor de automobilist is het nieuws helder: de gouden tijden van subsidies zijn voorbij. Rico Luman, sectoreconoom bij ING, stelt dat elektrisch rijden in 2026 een stuk minder aantrekkelijk wordt. "Door de hogere motorrijtuigenbelasting en de hogere bijtelling," legt hij uit. Ook aan de pomp ontkom je niet: de accijns op benzine stijgt met 5,5 cent en diesel wordt 3,6 cent per liter duurder.

Toch verwacht ING dat de autoverkoop licht zal stijgen, maar de elektrificatie hapert. De druk is van de ketel bij fabrikanten door versoepeling van de CO2-regels, waardoor ze weer meer inzetten op hybride modellen. Voor de zakelijke rijder blijft de EV interessant, maar de particulier haakt af door de kosten.

Trein en vliegtuig: Geen alternatief

Wie denkt goedkoper uit te zijn met het OV, komt bedrogen uit. De NS verhoogt de prijzen in 2026 opnieuw met 6,5 procent. "Het openbaar vervoer stijgt nu sterker dan de algemene prijzen en de lonen," waarschuwt Luman. Tel daarbij op dat ProRail met een 'historische onderhoudsopgave' zit, en je weet: je betaalt de hoofdprijs voor een trein die waarschijnlijk niet rijdt.

Schiphol zit ondertussen muurvast aan zijn grens van 478.000 vliegbewegingen. Groeien kan alleen nog door grotere vliegtuigen in te zetten. Lelystad Airport blijft een spookvliegveld; de beslissing over opening is weer doorgeschoven. De conclusie van het rapport-Wennink is pijnlijk: zonder groei van de luchtvaart loopt Nederland economische kansen mis, maar de ruimte is op.

Industrie en China: Onrust blijft

De industrie, de motor van de economie, blijft kwetsbaar. Edse Dantuma van ING noemt het de "meest crisisgevoelige sector". Exportrestricties, handelstarieven en de moordende concurrentie uit China blijven de groei drukken. Bedrijven als ASML voelen de pijn van geopolitieke spelletjes direct.

Toch is er hoop: de AI-bubbel en de herbewapening van Europa zorgen voor volle orderboeken bij defensiebedrijven en tech-startups. De onrust rond handelstarieven is iets gaan liggen, maar de heffingen blijven als een molensteen om de nek van de industrie hangen.

Arbeidsmarkt: Het 'knabbeljaar'

En wie moet al dat werk doen? Niemand, want er zijn geen mensen. Hoogleraar Ton Wilthagen voorspelt een "clash" tussen werkgevers en vakbonden. De loonstijgingen vlakken af, terwijl de werkdruk (en het ziekteverzuim) toeneemt. AI begint aan banen te 'knabbelen', maar lost het tekort in de zorg of de bouw niet op.

Thuiswerken, ooit een luxe, komt onder druk te staan. Werkgevers willen mensen terug op kantoor zien. 2026 wordt volgens Wilthagen een "knabbeljaar": aan alles wordt beknibbeld, van je vrije tijd tot je loonstrookje. De enige uitzondering is misschien softwarebedrijf Afas, dat de 4-daagse werkweek invoerde. Maar voor de rest van Nederland geldt: harder werken, meer betalen en langer in de file (of de dure trein).

Nieuws