De sneeuwpoppen zijn bijna overal gesmolten en de strooiwagens staan weer binnen, maar de nasleep van de winterse week is nog lang niet voorbij. Schadeherstelbedrijven draaien overuren en de wachtlijsten lopen op. Het aantal schademeldingen ligt volgens nieuwe cijfers van Overstappen.nl dertig procent hoger dan normaal. Maar terwijl de auto bij de garage staat, wacht veel eigenaren een nare verrassing. De term goed verzekerd blijkt in de praktijk vaak een wassen neus als het om winterse glijpartijen gaat.
Het grootste misverstand zit hem in de dekking. Stel, je bent door de gladheid tegen een lantaarnpaal gegleden of je hebt je voorganger een tikje gegeven bij het stoplicht. Veel mensen denken dat hun WA plus of Beperkt Casco dit wel regelt. Fout. Deze verzekeringen dekken wel diefstal, brand en ruitschade, maar geen schade aan je eigen auto door een aanrijding.
Die rekening mag je volledig zelf betalen. En dat is geen kattenpis. De gemiddelde schade aan je eigen auto bij zo'n glijpartij ligt tussen de 2200 en 2700 euro. Moderne bumpers zitten vol met parkeersensoren, camera's en radarsystemen voor de cruise control. Een klein deukje betekent vaak dat al die elektronica vervangen en opnieuw gekalibreerd moet worden.
De rekening voor de lantaarnpaal
Maar er is meer. Als je tegen een lantaarnpaal of vangrail glijdt, ben je ook verantwoordelijk voor die schade. Dit wordt weliswaar gedekt door je verplichte WA-verzekering, maar het kost je direct je schadevrije jaren. De kosten voor het vervangen van straatmeubilair kunnen oplopen tot tienduizenden euro's als er graafwerk en wegafzettingen nodig zijn. Omdat je dit bedrag meestal niet zelf kunt ophoesten, moet je de verzekering inschakelen. Gevolg: je valt vijf jaar terug in je no-claim, waardoor je premie explodeert, zelfs als je je eigen auto zelf repareert.
De premie-explosie
Wie een claim indient, wordt direct gestraft door de verzekeraar. Je valt terug in schadevrije jaren, vaak wel vijf treden, waardoor je maandpremie de komende jaren fors stijgt. Expert Jerry Poel waarschuwt dat het claimen van een relatief kleine eigen schade op de lange termijn vaak duurder is dan de reparatie zelf betalen. Je betaalt de schade in feite in termijnen terug aan de verzekeraar, met rente. Pas als de schade boven de 750 of 1000 euro uitkomt, wordt claimen interessant.
Het verschil tussen glijden en waaien
Er is echter een belangrijk onderscheid dat je moet weten. Schade door weersinvloeden, zoals een tak die door de zware sneeuwlast afbreekt en op je auto valt, wordt vaak wél vergoed vanuit de Beperkt Casco dekking zonder dat het je schadevrije jaren kost. Dit valt onder overmacht. Maar zodra je rijdt en de controle verliest, is het volgens de verzekeraar jouw eigen schuld, hoe glad het ook was.
De sluipmoordenaar: pekel
Daarnaast is er schade die je nu nog niet ziet. De enorme hoeveelheden strooizout die op de weg zijn gegooid, vreten aan je auto. Pekel is funest voor lak, velgen en de bodemplaat. Als je kleine steenslagschade hebt die door het zout wordt aangetast, kan dit over een paar maanden veranderen in roestplekken.
Ook je ruiten lopen gevaar. Een klein, onzichtbaar sterretje kan door de temperatuurwisselingen plotseling uitgroeien tot een barst. Als je in een ijskoude auto stapt en de kachel vol op de voorruit zet, zorgt het temperatuurverschil voor spanning in het glas. Ruitschade is gelukkig vaak wel gedekt zonder premiegevolgen, maar lakschade door strooizout niet. Het advies is simpel: was je auto grondig, ook de onderkant, check je polis en pak de rekenmachine erbij voordat je een schadeformulier invult.