Het is een publiek geheim dat de gemiddelde Nederlander met een grote boog om de showrooms van nieuwe auto's heen loopt. De prijzen zijn door inflatie, torenhoge BPM en dure elektrificatie gestegen tot niveaus waar je tien jaar geleden een garagebox voor kocht. Het gevolg is een waterbedeffect van jewelste. Omdat niemand nieuw koopt, duikt iedereen op de tweedehandsmarkt. En dat hebben we in 2025 geweten.
De balans werd onlangs opgemaakt en de cijfers liegen niet. Er werden ruim 2,1 miljoen tweedehands auto's verkocht, een stijging van bijna vier procent ten opzichte van het jaar ervoor.
Het is een recordjaar dat de boeken in gaat als het moment waarop de Nederlander definitief koos voor gebruikt staal. De verwachting voor 2026 is geen afkoeling, maar een voortzetting van deze trend. De occasion is niet langer een keuze, het is pure noodzaak geworden.
Het Wilde Westen is voorbij
Toch zien we een interessante verschuiving in het koopgedrag. Vroeger was de tweedehandsmarkt het domein van de koopjesjagers. Je zocht de goedkoopste Golf van Marktplaats, trapte tegen de banden en hoopte dat de motor niet zou exploderen op de terugweg. Die tijd is voorbij. De moderne koper is paranoïde, en terecht.
Renaldo Molenbeek van verkoopplatform OSW ziet deze trend dagelijks. Volgens hem is de prijs niet langer de heilige graal. Kopers betalen liever duizend euro meer voor een auto met een sluitende onderhoudshistorie en heldere foto's, dan dat ze gokken op een koopje met een vaag verleden.
Zekerheid en transparantie zijn de nieuwe valuta. Mensen zijn doodsbang voor een kat in de zak, omdat reparaties aan moderne auto's met al hun sensoren en turbo's onbetaalbaar zijn geworden.
De winnaars en verliezers
Niet elke auto profiteert overigens van deze goudkoorts. Er ontstaat een duidelijke tweedeling in de markt. Aan de ene kant heb je de winnaars: de compacte, zuinige auto's met lage vaste lasten. Denk aan de Toyota Yaris, de Volkswagen Polo of de Ford Fiesta. Deze modellen vliegen de deur uit omdat ze betaalbaar blijven in de wegenbelasting en aan de pomp.
Aan de andere kant staan de verliezers. De zware jongens, de complexe diesels en de verouderde luxewagens met hoge onderhoudskosten blijven staan. De koper is kritischer dan ooit.
Ze rekenen niet alleen de aanschafprijs uit, maar kijken ook naar wat de auto maandelijks kost om op de oprit te hebben staan. Een dikke BMW 5 Serie uit 2012 lijkt leuk voor weinig, totdat je de rekening van de wegenbelasting en de eerste grote beurt ziet.
Vertrouwen is handel
Voor particulieren die hun auto willen verkopen in 2026 ligt er een kans, mits ze het slim aanpakken. Het blind op internet knallen van een auto met twee wazige foto's en de tekst "rijdt goed" werkt niet meer. De koper wil bewijs. Onderhoudsboekjes, facturen en een eerlijk verhaal over dat krasje op de bumper zijn cruciaal.
Wie transparantie biedt, verkoopt snel en voor een goede prijs. Wie probeert te verhullen dat de distributieriem eigenlijk al vervangen had moeten worden, blijft zitten met zijn blik. De markt is misschien oververhit, maar de koper is zeker niet gek. In 2026 draait de handel niet om de laagste prijs, maar om de hoogste betrouwbaarheid.