Het is een trend die we in elke grote Europese stad zien. De auto wordt langzaam maar zeker het centrum uitgewerkt. In Parijs, onder leiding van de socialistische burgemeester Anne Hidalgo, gaat dat proces echter met de snelheid van een TGV. Het nieuwste plan is even simpel als ingrijpend. Alle parkeerplaatsen binnen vijf meter van een zebrapad moeten verdwijnen.
In totaal gaat het om ongeveer 20.000 plekken die voor het einde van 2026 worden opgeheven. Voor de Parijse automobilist, die nu al gemiddeld twintig minuten rondjes rijdt op zoek naar een plekje, is dit de genadeklap.
De vrijgekomen ruimte wordt niet gebruikt voor bredere stoepen of terrasjes. Nee, de gemeente heeft besloten dat deze zones exclusief domein worden voor fietsen, scooters en grote plantenbakken. Alles om te voorkomen dat er ooit nog een auto kan staan.
De dodelijke dode hoek
De redenatie van de gemeente is overigens niet geheel onlogisch. Auto's die vlak voor een zebrapad geparkeerd staan creëren een enorme dode hoek.
Vooral de steeds groter wordende SUV's en hoge bestelbusjes blokkeren het zicht volledig. Een overstekende voetganger moet hierdoor blind de straat op stappen om te zien of er verkeer aankomt.
Ook voor de naderende automobilist is het gevaarlijk. Die ziet een kind of voetganger pas op het allerlaatste moment achter een geparkeerde auto vandaan komen. Door de zone rondom het zebrapad vrij te maken verbetert het zicht drastisch. Dat is geen overbodige luxe want in 2024 vielen er in Parijs nog 14 doden onder voetgangers. Dat is meer dan één dode per maand.
Onderdeel van een groter plan
Deze maatregel staat niet op zichzelf. Het past in een reeks van beslissingen die het leven van de automobilist in Parijs zuur maken. Eerder werd de maximumsnelheid in bijna de hele stad verlaagd naar 30 kilometer per uur.
Ook zijn grote delen van het centrum afgesloten voor doorgaand verkeer en zijn de parkeertarieven voor zware auto's (de zogenaamde SUV-taks) verdrievoudigd.
Het verdwijnen van deze 20.000 plekken is de zoveelste nagel aan de doodskist van de auto in de stad. Critici stellen dat de gemeente wel heel makkelijk parkeerplaatsen schrapt zonder goede alternatieven te bieden.
De metro zit overvol en niet iedereen kan of wil op de fiets. Voor forenzen en bewoners die afhankelijk zijn van hun auto wordt de stad langzaam maar zeker onleefbaar.
Landelijke wetgeving als stok achter de deur
Interessant detail is dat Parijs dit niet zomaar uit eigen beweging doet. Het is een uitvloeisel van de zogeheten Loi d'orientation des mobilités uit 2019. Deze landelijke wet verplicht gemeenten om de veiligheid rond oversteekplaatsen te verbeteren. Artikel 52 stelt specifiek dat het zicht op oversteekplaatsen niet belemmerd mag worden door geparkeerde voertuigen.
Parijs grijpt deze wet nu met beide handen aan om de auto verder te marginaliseren. De deadline is hard: op 31 december 2026 moet de operatie voltooid zijn. Waar in andere steden misschien gekozen wordt voor lagere auto's of slimme spiegels, kiest Parijs voor de botte bijl. Weg met die parkeerplek.
Het is weer een stap in de transformatie van de lichtstad naar een fiets- en wandelparadijs. Dat gaat ten koste van iedereen die afhankelijk is van vier wielen en nu nog harder moet zoeken naar een plekje.