De 'Metro Eerst'-strategie
In Nederland werkt het zo: we plempen een weiland vol met huizen, wachten tot de A2 vastloopt en gaan dan pas tien jaar praten over een tramlijn. China draaide het om. Ze legden eerst een metrolijn aan naar 'nergens'. Het idee? Als de infrastructuur er ligt, volgt de rest vanzelf.
En verdomd, het werkt. De weilanden rondom die 'nutteloze' stations zijn inmiddels volgebouwd met wolkenkrabbers, winkelcentra en kantoren. De bewoners hebben vanaf dag één perfect OV en stappen niet in de auto. Het is de ultieme remedie tegen files.
De prijs van de gok
Natuurlijk is het niet alleen maar hosanna. De strategie kostte klauwen met geld. Lokale overheden staken zich diep in de schulden om de bouwputten te financieren. Volgens de NOS is die schuldenberg nu een enorm probleem voor Peking.
Ook ging het niet overal goed. Er staan nog steeds 'Lanweilou' (verrotte gebouwen): betonskeletten van projecten waar het geld op was voordat de bewoners kwamen. De Volkskrant liet vorig jaar zien hoe hele wijken in limbo verkeren. Het is de gok van een planeconomie: soms win je, soms verlies je miljarden.
Nederland, let je op?
Toch kunnen we er wat van leren. Terwijl wij smeken om een Lelylijn of een metro naar Schiphol, laat China zien dat mobiliteit de basis is van groei, niet het sluitstuk. In plaats van achteraf pleisters plakken, kun je beter vooraf de rails leggen.
Natuurlijk, wij hebben geen dictatuur die zomaar even onteigent en bouwt. Maar het idee dat je een wijk bouwt rondom een station in plaats van andersom, is iets waar onze vastgelopen woningmarkt misschien wel heel veel aan zou hebben.