De 'National Highway 110' hel
Het begon als een normale opstopping. De snelweg tussen Binnen-Mongolië en Beijing (de G110) was al berucht vanwege de eindeloze stroom zware kolentrucks. Maar toen de overheid besloot om precies op die route wegwerkzaamheden uit te voeren – ironisch genoeg om de schade van diezelfde trucks te herstellen – ging het mis.
Het verkeer kwam tot stilstand en de rij groeide aan tot 100 kilometer. Mensen zaten gevangen. Omkeren was onmogelijk, doorrijden ook. Sommige chauffeurs deden er vijf dagen over om een stukje te rijden waar je normaal een uur over doet.
Wonen in je auto
Na een paar dagen veranderde de snelweg in een vluchtelingenkamp. Chauffeurs sliepen in hun cabine of onder hun vrachtwagen. Ze speelden kaart op het asfalt en deelden verhalen. Maar het was geen gezellige camping.
Lokale bewoners zagen hun kans schoon en startten een bloeiende zwarte markt. Ze verkochten water, instant noodles en sigaretten voor woekerprijzen. Een flesje water kostte ineens tien keer zoveel als in de winkel. Weigerde je te betalen? Dan dreigden ze je ruiten in te slaan of je banden lek te steken. Het was het recht van de sterkste.
1 km per dag
De snelheid van de file was lachwekkend: gemiddeld 1 kilometer per dag. Je kon letterlijk sneller naar Beijing kruipen. Pas na twaalf dagen loste de prop op toen de wegwerkzaamheden klaar waren.
Het incident was een wake-up call voor China: de infrastructuur kon de explosieve groei niet aan. Inmiddels liggen er meer wegen en spoorlijnen, maar de legende van de G110 blijft bestaan. Dus de volgende keer dat je op de Ring A10 staat te balen: het kan altijd erger. Veel erger.