Algemeen

China stopt met de prijzenoorlog en dwingt fabrikanten nu om extreem dure en geavanceerde auto's te bouwen

Jarenlang overspoelde China de wereld met spotgoedkope elektrische auto's. Maar Peking heeft de strategie radicaal omgegooid. De subsidiekraan voor budgetmodellen gaat dicht en de focus verschuift naar high-tech en premium. Slecht nieuws voor de Europese concurrentie, want de Chinezen worden nu ook op kwaliteit onverslaanbaar.

Jesper Penninga
Chinese auto-industrie
China
China stopt met de prijzenoorlog en dwingt fabrikanten nu om extreem dure en geavanceerde auto's te bouwen

Het was het schrikbeeld van elke westerse autofabrikant: een oneindige stroom goedkope Chinese EV's die de markt kapotmaakten. Merken vochten elkaar de tent uit met bodemprijzen, gesteund door staatssteun.

Maar die tijd is voorbij. De Chinese overheid heeft ingegrepen met een zogeheten anti-involution beleid en een price floor (bodemprijs). De boodschap aan de industrie is helder: stop met prijsvechten en begin met innoveren.

Analist Alasia Zhang van Wood Mackenzie legt uit dat de nieuwe regels fabrikanten dwingen om waarde toe te voegen. "Voorheen duwde de moordende concurrentie fabrikanten richting een focus op kwantiteit boven kwaliteit.

Maar met de nieuwe bodemprijzen kunnen ze niet meer overleven op volume alleen. Automakers moeten nu concurreren op technologie en kwaliteit om marktaandeel te winnen." De subsidies zijn slim aangepast: ze zijn niet langer een vast bedrag, maar een percentage van de autoprijs. Hierdoor worden consumenten richting duurdere voertuigen (boven de 200.000 yuan) geduwd. De tijd van de dinky toys is voorbij.

Solid-state is het toverwoord

De focus verschuift naar baanbrekende technologieën zoals de solid-state batterij. Deze accu's gebruiken een vaste elektrolyt in plaats van een vloeibare gel. Dit klinkt als een detail, maar het lost een groot probleem op: de vorming van dendrieten (metaalnaalden) die kortsluiting kunnen veroorzaken.

Hierdoor zijn de accu's niet alleen veiliger, maar kunnen ze ook gepaard worden met hoogwaardige anodes, wat de energiedichtheid met 30 tot 80 procent verhoogt. Waar westerse merken nog in de testfase zitten, rijden er in China al premium-modellen rond met semi-solid state accu's.

Ook op het gebied van infrastructuur wordt gas gegeven. Het doel is om tegen 2027 meer dan 100.000 snelladers in steden te hebben. CATL rolt daarnaast in rap tempo wisselstations uit en ontwikkelt 'flash charging'. Alles is erop gericht om het product superieur te maken aan wat Europa en Amerika te bieden hebben.

Tweedehands markt en energieopslag

Een ander interessant aspect is de deregulering van de tweedehandsmarkt. Tot voor kort was het lastig om een gebruikte EV te verkopen in China, wat kopers afschrikte. Door de regels te versoepelen, hoopt Peking de restwaardes te stabiliseren en zo de verkoop van nieuwe, duurdere auto's te stimuleren.

Daarnaast diversifiëren fabrikanten naar energieopslagsystemen (ESS). Omdat de markt voor auto's verzadigd raakt, zetten giganten als CATL in op enorme batterijparken voor het stroomnet. De vraag naar cellen groter dan 500 Ah neemt toe, en alleen de Chinese topfabrikanten kunnen die leveren.

De strategie is duidelijk: China wil niet langer de prijsvechter van de wereld zijn, maar de technologische leider. Voor Europese merken als Volkswagen en Mercedes is dit misschien nog wel enger. Concurreren op prijs was al lastig, maar concurreren tegen een staatgestuurde innovatiegolf die technologisch mijlenver voorloopt, is bijna onmogelijk.