Sommige mensen kopen aandelen, anderen kopen vastgoed. Maar Billy West uit Tennessee deed in 1968 de beste investering van zijn leven: hij kocht een 11 jaar oude Chevrolet voor een bedrag waar je nu net een setje banden voor haalt. Bijna zes decennia later rijdt hij er nog steeds in. En nee, het is geen museumstuk, maar een straatvechter met littekens.
'Ik was niet slim, ik was blut'
Het is 1968. Billy is nog geen 16 en ziet een blauwe Chevrolet 210 uit 1957 staan bij een handelaar. Hij is op slag verliefd op de vinnen. Vraagprijs: 375 dollar. Hij koopt hem, niet omdat hij visionair is, maar uit pure noodzaak. "Mensen zeggen nu: 'Wat slim dat je hem hield'. Maar ik was niet slim, ik was gewoon arm," vertelt Billy aan Heart and Horsepower.
De auto werd zijn dagelijkse vervoer naar school en later naar de universiteit. "Iedereen reed in zulke auto's. Een vriend had een '57 Ford, een ander een Barracuda. Het was gewoon wat we hadden."
De mislukte dragrace en de gillende vrouw
Billy's jeugd was wild. Hij herinnert zich nog goed die ene keer dat hij naar de dragstrip ging. Hij had slicks gemonteerd en de headers opengedraaid voor maximaal lawaai. Maar bij de keuring ging het mis. Zijn tegenstander in een Ford Mustang mocht door, maar Billy werd teruggestuurd. "Je hebt geen 'scatter shield' (beveiliging tegen exploderende koppeling)," zei de keurmeester. Billy wees naar de Mustang: "Hij ook niet!" Het antwoord was dodelijk: "Dat is een Ford, die heeft dat niet nodig."
Woest en vol adrenaline reed hij naar huis. "Ik zei tegen mijn maat: 'Haal de dempers eraf'. Met mijn vriendin Sandra (nu zijn vrouw) naast me, trapte ik het gas in tot 5.000 toeren en liet de koppeling schieten. De hele auto vulde zich met rook, we gleden alle kanten op en Sandra zat te gillen en te stampen op de vloer. Ze was woest. Dat was een mooie dag," grijnst hij.
Van braaf naar bruut
Volgens autoevolution is de Chevy in de loop der jaren flink aangepakt. De originele blauwe lak maakte in 1978 plaats voor zwart (een originele GM-kleur). De tamme 283 V8 werd eruit getakeld en vervangen door een 327 small-block met serieuze upgrades zoals Dart-koppen en een Holley injectiesysteem. Een moderne Tremec-vijfbak en een GM 12-bolt achteras zorgen dat het vermogen ook daadwerkelijk op het asfalt komt.
Het interieur, dat bij aankoop aan flarden hing, werd eerst door de vader van een vriend opnieuw bekleed ("roll and pleat", typisch jaren 60) en later vervangen door een luxe Bel Air-interieur. Het is geen matching numbers auto, maar een machine die leeft.
Straatracen met een zwevend wiel
De auto heeft een reputatie op straat. Billy herinnert zich een race tegen een '36 Chevy Coupe met een starre vooras. "Die gozer trok zijn voorwielen van de grond bij de start. Ik dacht: die kan niet sturen, ik pak hem. En dat deed ik ook." Maar hij geeft toe: "We waren jong en stom. Met trommelremmen racen op straat was levensgevaarlijk."
Onbetaalbaar
Billy heeft in de loop der jaren genoeg biedingen gehad. Mensen zien een '57 Chevy en trekken hun portemonnee. Maar het antwoord is altijd nee. "Het is een deel van mij geworden," zegt hij. "Tenzij iemand echt 'stupid money' biedt, gaat hij nergens heen. En zelfs dan zou ik spijt krijgen."
Het verhaal van Billy bewijst dat de mooiste auto's niet in een collectie staan met airconditioning, maar op de weg rijden met een eigenaar die elk kraakje en elk krasje kent. Voor 375 dollar kocht hij geen auto, maar een levenspartner.