Nieuw is uit, gebruikt is in
De voorspelling van ING Research is hard: de verkoop van nieuwe auto's daalt dit jaar met 1 procent naar 385.000 stuks. Dat klinkt niet dramatisch, maar het contrast met de occasionmarkt is gigantisch. Voor elke nieuwe auto worden er inmiddels 5,5 tweedehands exemplaren verkocht.
De reden is simpel: geld. Terwijl de lonen stegen, bleven de occasionprijzen stabiel. De burger kiest voor betaalbaar rijden en laat de showroom links liggen. De enige reden dat er nog nieuwe auto's worden verkocht, is de zakelijke markt en de paniek-aankopen van leaserijders die nog snel van lage bijtelling wilden profiteren.
Elektrisch? Nee bedankt
Het pijnlijkste punt zit hem in de elektrificatie. De particulier moet er niks van hebben. Slechts 5 procent van de verkochte occasions is elektrisch. De rest? Benzine, diesel of hybride. De redenen zijn bekend: motorrijtuigenbelasting (die omhoog gaat), gedoe met laden en de angst voor restwaarde.
Het gevolg is bizar: Nederland, ooit gidsland, exporteert zijn elektrische occasions massaal naar het buitenland omdat niemand ze hier wil hebben. Ondertussen haalt België ons dit jaar in als koploper in vergroening. Onze zuiderburen vernieuwen hun wagenpark sneller, terwijl wij blijven hangen in onze oude benzinebakken.
Banden worden onbetaalbaar
En als je dan in die occasion rijdt, bereid je dan voor op de garage. Omdat we langer doorrijden in oudere auto's, is er werk zat voor de monteur. Maar de rekening stijgt. Vooral banden zijn peperduur geworden: in vijf jaar tijd is de prijs met maar liefst 47 procent gestegen.
De conclusie is helder: Nederland wordt een occasionland. We rijden op, we lappen op en we laten de elektrische revolutie lekker aan de leaserijder en de Belg over.