We zagen het al gebeuren met BYD in Hongarije en Chery in Barcelona. De Chinezen zijn klaar met het verschepen van kant-en-klare auto's. Ze willen ze hier bouwen. Het nieuwste hoofdstuk in deze invasie speelt zich af in Azuqueca de Henares, een slaperig industriestadje onder de rook van Madrid.
De president van de regio Castilla-La Mancha, Emiliano García-Page, kondigde onlangs trots aan dat hier de eerste Chinese assemblagefabriek van Spanje komt te staan.
Het gaat om het merk Changan. Voor de gemiddelde Nederlander klinkt dat als een exotisch gerecht, maar in China is het een absolute gigant. Ze werken al jaren samen met Mazda en hebben daaruit modellen ontwikkeld zoals de Mazda6e en de CX-6e.
Nu richten ze hun pijlen op Europa met hun eigen elektrische divisie: Deepal. Met de S05 en S07 hebben ze twee SUV's in het gamma die qua specificaties en afwerking rechtstreeks de aanval openen op de Volkswagen ID.4 en de Tesla Model Y.
Goed voor de regio, slecht voor Volkswagen
De reden voor deze stap is simpel: geld. De Europese Unie dreigt met steeds hogere importheffingen op auto's die volledig in China zijn gemaakt. Door de auto's in Spanje in elkaar te schroeven, ontlopen ze die boetes.
Het is een slimme zet. De auto's worden als bouwpakket verscheept, een proces dat in de industrie bekend staat als CKD (Complete Knock Down). In Azuqueca worden de onderdelen geassembleerd tot een complete auto. Hierdoor krijgen ze het felbegeerde label Made in EU.
De aankondiging werd overigens niet gedaan in een kille fabriekshal, maar tijdens een chic diner in het paleis van de hertogen van Medinaceli. Dat toont aan hoe belangrijk deze deal is voor de lokale politiek. Voor de Spaanse arbeider is dit fantastisch nieuws. De fabriek levert direct honderd banen op en zet de streek op de kaart als hotspot voor elektrische mobiliteit.
Scherpe prijzen
Maar voor merken als Volkswagen, Stellantis en Renault is het een horrorscenario. Hun enige verdedigingslinie, de importheffingen, valt hiermee weg. De Chinezen kunnen nu concurreren met lokale productie, maar met de kostenvoordelen van hun eigen, goedkopere toeleveringsketen.
Met de lokale productie kan Changan de prijzen nog scherper stellen. De vanafprijzen liggen nu al rond de 37.000 euro, maar met financiering en lokale subsidies duiken ze in Spanje onder de 30.000 euro. Dat is een prijsniveau waar Europese fabrikanten alleen van kunnen dromen. Een vergelijkbare Volkswagen kost al snel tien- tot vijftienduizend euro meer.
Het is wachten tot de eerste Deepal S07 met een Spaans chassisnummer de grens overrolt. De vraag is niet óf ze de markt gaan veroveren, maar hoe snel. Spanje positioneert zich hiermee steeds nadrukkelijker als de toegangspoort voor Aziatische merken die Europa willen bestormen.