'Fossiele concerns'
De toon van de milieuclub is agressief. In een overwinningsspeech na een succesvolle klimaatzaak tegen de Duitse staat, kondigt de DUH de volgende stap aan. Op 2 maart 2026 staan ze tegenover BMW en Mercedes-Benz bij het Bundesgerichtshof in Karlsruhe.
Volgens de DUH zijn deze merken geen autofabrikanten, maar "fossiele concerns" die verantwoordelijk zijn voor net zoveel uitstoot als een "middelgroot EU-land".
De milieuclub eist dat de rechter ingrijpt en de bedrijven dwingt om hun productie per direct aan te passen aan het CO2-budget van Parijs. In gewoon Nederlands: de DUH wil dat de rechter bepaalt wanneer de laatste benzine-BMW van de band rolt, en niet de directie in München.
Showproces in de grootste zaal
Het wordt geen stilletjes achterkamertjesgevecht. Het Bundesgerichtshof heeft de grootste zittingszaal gereserveerd en de uitspraak wordt live uitgezonden. Het is de eerste keer dat de hoogste Duitse rechter zich buigt over de fundamentele vraag: zijn autofabrikanten hoofdelijk aansprakelijk voor de klimaatschade van hun producten?
Als de DUH wint, is het hek van de dam. Dan kan elke milieuclub via de rechter het bedrijfsmodel van autofabrikanten dicteren. BMW en Mercedes, die juist inzetten op een strategie van 'technologie-openheid' (dus: benzine én elektrisch), zouden dan gedwongen kunnen worden om hun winstgevende verbrandingsmotoren versneld bij het grofvuil te zetten.
Ze ruiken bloed
De DUH voelt zich gesterkt door eerdere overwinningen. Ze dwongen de regering al tot strengere klimaatwetten en wonnen slepende zaken tegen Volkswagen over sjoemelsoftware (met gevolgen voor 7,8 miljoen auto's). Nu willen ze de scalp van de premium-merken.
"Wij gaan de strijd aan met de anti-klimaat-meerderheid," klinkt het strijdlustig. Voor de Duitse auto-industrie is het code rood: de vijand staat niet meer aan de poort, hij zit al in de rechtszaal.