De anti-Tesla
In San Francisco (niet toevallig het hol van de leeuw) trok Ferrari het doek van het interieur. Wat meteen opvalt: geen overkill aan schermen. De ontwerpers van LoveFrom hebben gekozen voor "tastbaarheid".
Er zijn mechanische knoppen, draaischijven en schakelaars die "klik" zeggen als je ze aanraakt. Het is een verademing in een wereld waar je drie menu's door moet om je stoelverwarming aan te zetten.
Het stuurwiel is een knipoog naar de jaren '50: drie spaken, kaal aluminium en geen onzin. "Geïnspireerd door Formule 1-monoposto's en klassieke Nardi-sturen," aldus Ferrari.
Zelfs de sleutel is bijzonder: een blok glas dat verandert van kleur als je hem in de middenconsole klikt. Het starten van de auto moet een "theatraal ritueel" zijn, ook zonder ronkende V12.
Analoog met een digitaal hart
Natuurlijk is er wel techniek. Het instrumentenpaneel bestaat uit twee overlappende OLED-schermen die meebewegen met het stuur (een primeur). En in het midden zit een display dat op een kogelgewricht draait, zodat ook je passagier kan meekijken.
Maar de sfeer is compleet anders dan in een moderne EV. Geen steriele lounge, maar een cockpit. De materialen (gerecycled aluminium, speciaal glas) moeten de "stille energie" van de auto benadrukken. Ferrari noemt het een nieuwe filosofie: elektrificatie is een middel, geen doel.
Mei 2026: de onthulling
We weten nu hoe hij heet en hoe je erin zit, maar hoe hij eruitziet? Dat blijft nog even geheim tot mei 2026. Eén ding is zeker: met de Luce zet Ferrari een nieuwe standaard.
Ze bewijzen dat elektrisch rijden niet hoeft te betekenen dat je in een zielloze computer zit. Voor de purist die bang was dat Ferrari zijn ziel zou verliezen aan de stekker, is dit interieur de ultieme geruststelling.