Nieuws

Volvo Trucks negeert dreigementen Trump en investeert miljard in Mexicaanse fabriek

Terwijl de meeste autofabrikanten bibberen voor de grillen van Donald Trump, kiest Volvo Trucks voor de aanval. De Zweden pompen een miljard dollar in een nieuwe fabriek in Mexico, pal onder de neus van de Amerikaanse president. Het is een gok van epische proporties: wordt Volvo de nieuwe koning van de Amerikaanse snelweg, of rijden ze recht in een financiële muur?

Nick ter Arkel
Volvo Trucks negeert dreigementen Trump en investeert miljard in Mexicaanse fabriek

Tegen de stroom in

Het is een opvallend staaltje blufpoker. In een interview met het Handelsblatt toont Volvo Trucks-topman Martin Lundstedt zich onverstoorbaar. Waar Volkswagen-baas Oliver Blume openlijk twijfelt aan investeringen in de VS en Daimler Truck waarschuwt voor "onzekerheid", drukt Lundstedt het gaspedaal in.

Volvo gaat in de tweede helft van dit jaar een gloednieuwe fabriek opstarten in het Mexicaanse Monterrey. Doel: de Amerikaanse markt veroveren en aartsrivaal Daimler Truck van de troon stoten. "We voelen ons goed bij deze investering," zegt Lundstedt.

Dat klinkt stoer, maar het is risicovol. Trump heeft meermaals gedreigd om import vanuit Mexico zwaar te belasten. Als hij die dreiging waarmaakt, wordt de Mexicaanse Volvo-fabriek in één klap een stuk minder rendabel.

De Amerikaanse droom (of nachtmerrie?)

De noodzaak is er wel. Noord-Amerika is goed voor een derde van de omzet van Volvo Trucks, maar de verkoop zakte vorig jaar met 16 procent in naar 11.490 voertuigen. De orderintake in het laatste kwartaal stortte zelfs met meer dan een derde in. Klanten wachten af wat Trump gaat doen.

Om het tij te keren, wil Volvo niet alleen vrachtwagens, maar straks ook bouwmachines gaan bouwen in de VS. Het doel is duidelijk: Daimler inhalen. Maar Daimler zit niet stil en wordt door analisten van Bank of America gezien als de favoriet, juist omdat ze al sterker geworteld zijn in de VS en minder afhankelijk van import.

Falen op waterstof en elektrisch

Terwijl Volvo gokt op Amerika, falen ze op een ander vlak: de aandrijflijn. De grote beloftes over waterstof en elektrisch rijden blijken voorlopig luchtfietsarij. Van de 203.000 vrachtwagens die Volvo vorig jaar verkocht, waren er slechts 4.000 elektrisch. Dat is nog geen 2 procent.

Ook de waterstof-droom is uitgesteld. Waar ze eerst riepen dat brandstofcel-trucks in 2025 de norm zouden zijn, krabbelt Lundstedt nu terug: "Vanaf 2030 zien we waterstof als belangrijke technologie." In gewoon Nederlands: de komende jaren blijven we gewoon diesels verkopen, want daar wordt het geld mee verdiend.