Nieuws

BMW zet supercomputer in om rijplezier te redden in het elektrische tijdperk

Al meer dan vijftig jaar belooft BMW 'Freude am Fahren'. Dat was makkelijk met een zingende zes-in-lijn, maar hoe doe je dat met een stille, loodzware EV? Het antwoord uit München is niet een nieuwe motor, maar een supercomputer. BMW zet alles op het 'Heart of Joy'-systeem om relevant te blijven. De vraag is alleen: zit de moderne EV-koper daar wel op te wachten?

Nick ter Arkel
BMW Neue Klasse
BMW zet supercomputer in om rijplezier te redden in het elektrische tijdperk

De breinchirurgie van BMW

Met de komst van de 'Neue Klasse' (te beginnen met de iX3 dit jaar) verandert BMW fundamenteel van aanpak. In plaats van cilinders en zuigers, draait alles nu om nullen en enen. Centraal staat het nieuwe 'Heart of Joy'-systeem, een krachtige centrale computer die de volledige rijdynamiek aanstuurt.

Volgens Christian Thalmeier, ingenieur rijdynamiek bij BMW, werkt het als een menselijk brein. Het verbindt de sensoren (zenuwen) direct met de elektromotoren en remmen (spieren). Het systeem is tien keer sneller dan huidige systemen. Waar een verbrandingsmotor altijd even moet 'nadenken' (turbo opspoelen, automaat schakelen), reageert deze computer in milliseconden.

Het doel is simpel: de logge massa van een EV (accu's wegen nu eenmaal zwaar) maskeren met bliksemsnelle correcties. In een bocht stuurt de computer exact de juiste hoeveelheid kracht naar elk individueel wiel om de auto 'lichtvoetig' te laten voelen. "Een verbrandingsmotor kan niet zo snel reageren," stelt Thalmeier in Handelsblatt.

Software als marketingtool (en melkkoe)

De keuze voor een eigen software-architectuur is strategisch. BMW wil niet afhankelijk zijn van toeleveranciers voor de 'ziel' van de auto. Door de software ("Dynamic Performance Control") zelf te schrijven, kunnen ze updates uitrollen en functies aanpassen.

Dit opent de deur naar een nieuw verdienmodel: schaalbaarheid. Eén computer kan alles aansturen, van een simpele iX3 tot een toekomstige M3. Het verschil zit hem straks niet meer in de hardware, maar in de software. Wil je meer vermogen of een scherper weggedrag? Dat wordt waarschijnlijk een kwestie van betalen voor een software-unlock.

De gok: boeit het de klant nog wel?

BMW zet zwaar in op rijdynamiek als onderscheidende factor. Ze moeten wel, want in China worden ze links en rechts ingehaald door merken die sneller ontwikkelen ('China-Speed'). Maar is dit wel de juiste gok?

Uit cijfers van McKinsey blijkt dat EV-kopers helemaal niet zo wakker liggen van rijplezier. Voor kopers van benzineauto's is weggedrag cruciaal, maar EV-rijders kijken vooral naar range, laadsnelheid en software-gadgets. In Europa en de VS is performance zelfs nauwelijks een aankoopargument voor EV's. Alleen in China (37%) speelt snelheid en wendbaarheid nog een rol van betekenis.

Een dure niche of de redding?

BMW neemt een risico. Ze bouwen de 'ultieme rijmachine' voor een doelgroep die misschien liever een rijdende iPad wil. Analisten van Bank of America twijfelen of dit technische hoogstandje genoeg is om de dalende verkoop in China (vorig jaar -46% bij EV's) te keren.

Het 'Heart of Joy' is technisch indrukwekkend, maar als de klant liever Netflix kijkt tijdens het laden dan de apex van een bocht raakt, kan het een dure misser worden. Voor de petrolhead is het goed nieuws: BMW probeert tenminste nog om autorijden leuk te maken. Nu maar hopen dat er genoeg liefhebbers overblijven om de rekening te betalen.