De 'Glow in the Dark'-droom
Stel je voor: je rijdt 's nachts over een onverlichte weg, maar de lijnen gloeien in een zachtgroen licht, alsof je in de film Tron zit. Dat is het idee achter fotoluminescente verf. De technologie is simpel: speciale pigmenten slaan UV-licht op en stralen dat in het donker weer uit.
In Maleisië, waar veel landelijke wegen aardedonker zijn, leek dit de heilige graal. De overheid startte een pilot op een traject van 245 meter in het district Hulu Langat. De eerste reacties waren lovend. Automobilisten zagen de bochten beter aankomen en voelden zich veiliger, zonder dat er dure lantaarnpalen en elektriciteitskabels aangelegd hoefden te worden.
De financiële kater
Maar toen kwam de boekhouder langs. Uit de evaluatie van het project blijkt dat de kosten astronomisch zijn. Volgens de Maleisische overheid kost de speciale lichtgevende verf zo'n 876 euro per vierkante meter. Zet dat af tegen conventionele wegenverf, die ongeveer 47 euro per vierkante meter kost, en je hebt een probleem.
De innovatie is dus bijna twintig keer duurder dan de standaardoplossing. Voor een landelijk uitrol is dat simpelweg onbetaalbaar. Zelfs met de besparing op stroomkosten (geen straatverlichting) is de businesscase niet rond te rekenen.
Niet voor het eerst
Het is niet de eerste keer dat deze droom uiteenspat. In Nederland experimenteerde Daan Roosegaarde jaren geleden al met 'Glowing Lines' op de N329 bij Oss. Dat zag er prachtig uit, tot het ging regenen en de lijnen nauwelijks meer licht gaven. Ook slijtage bleek een probleem.
Toch is het idee nog niet helemaal dood. Hoewel we niet snel hele snelwegen zullen zien oplichten, kan de techniek wel nuttig zijn op specifieke gevaarlijke punten. Denk aan scherpe bochten, fietspaden in het bos of donkere afritten. Zolang de veiligheidswinst opweegt tegen de kosten, blijft de 'Glow in the Dark'-weg een optie. Maar voorlopig zul je het in de polder gewoon met je koplampen moeten doen.