Algemeen

Hoe werkt een roetfilter (DPF) en waarom zijn korte ritjes schadelijk voor je diesel?

De dieselmotor stond jarenlang bekend als een walmende roetfabriek. Pas meer dan honderd jaar na zijn uitvinding werd hij écht schoner. De redder in nood? Het roetfilter (DPF). Een onopvallend onderdeel in de uitlaat dat wonderen verricht voor de luchtkwaliteit, maar je als bestuurder flink op kosten kan jagen als je hem verkeerd gebruikt.

Nick ter Arkel
2 minuten
Hoe werkt een roetfilter (DPF) en waarom zijn korte ritjes schadelijk voor je diesel?

Hoe werkt een roetfilter?

Het roetfilter (Diesel Particulate Filter) zit meestal vlak na de motor, in het uitlaattraject. De binnenkant is opgebouwd uit een keramische honingraatstructuur (vaak siliciumcarbide). De uitlaatgassen worden onder druk door de poreuze wanden van deze kanalen geperst. De microscopisch kleine, schadelijke roetdeeltjes blijven achter in het filter, terwijl de schonere gassen via de uitlaat naar buiten stromen.

Het filter werkt dus puur als een fysieke zeef. Maar een zeef raakt uiteindelijk vol. Om te voorkomen dat de uitlaat verstopt raakt, moet het filter zichzelf schoonmaken. Dat gebeurt via een chemisch proces dat we regeneratie noemen. Het opgevangen roet wordt simpelweg verbrand.

Passief vs. actief regenereren

Om die bak vol roet leeg te maken, gebruikt je auto twee trucjes. De eerste is de passieve regeneratie. Dit is de ideale situatie voor je auto. Als je vaak lange afstanden op de snelweg of N-wegen aflegt, wordt de uitlaat vanzelf bloedheet. Tussen de 350 en 400 graden, om precies te zijn. Bij die temperatuur fikt het roet continu en onmerkbaar weg, zonder dat het de motor extra moeite kost.

Maar veel diesels halen die temperaturen zelden, omdat ze vaak in de stad of in de file rijden. Dan moet de motor overschakelen op actieve regeneratie. De computer grijpt in en spuit op een slim moment extra brandstof in. Dit is niet om sneller te gaan, maar puur om de temperatuur in het uitlaatsysteem kunstmatig op te jagen tot wel 600 graden.

Het roet smelt als het ware weg en oxideert tot as en onschadelijk CO2. Dat je auto bezig is met deze grote schoonmaak, merk je soms aan een iets hoger verbruik of een loeiende koelventilator nadat je de motor al hebt afgezet.

Het probleem van de korte ritjes

Hier gaat het vaak mis. Voor actieve regeneratie heeft de auto tijd en temperatuur nodig. Maak je met je diesel alleen maar korte ritjes naar de supermarkt of de school van de kinderen? Dan breek je het regeneratieproces telkens af. Het roet hoopt zich op en het filter raakt onherroepelijk verstopt.

Het advies is simpel: wie een diesel heeft, moet hem gebruiken waar hij voor bedoeld is. Plan regelmatig een rit van minimaal 15 tot 20 minuten op constante, hogere snelheid (snelweg) om het filter de kans te geven zichzelf schoon te branden.

Wat als het filter toch vol zit?

Moderne roetfilters gaan zo'n 150.000 tot 200.000 kilometer mee. Maar let op: bij elke regeneratiecyclus blijft er een klein restje as achter in het filter dat níét verbrandt. Uiteindelijk zit de bak domweg vol. Je merkt dit aan een brandend oranje motorlampje, vermogensverlies of een auto die in de noodloop schiet.

Soms kan de garage nog een 'geforceerde regeneratie' via de computer uitvoeren, of het filter demonteren en professioneel laten reinigen. Is hij echt op of defect? Maak je borst dan maar nat. Een compleet nieuw roetfilter kost, afhankelijk van het merk, al snel tussen de 1.000 en 3.000 euro inclusief montage.

Sinds de invoering van de Euro 5-norm in 2009 is het roetfilter verplicht op elke nieuwe diesel-personenauto in Europa. Zolang er diesels worden gebouwd, zullen we met dit complexe – maar noodzakelijke – filter moeten leven.