Een rit naar het Siberische Jakoetsk is een aanslag op elk voertuig. Voordat de lange tocht richting het oosten überhaupt kon beginnen, moest de compacte driecilinder flink worden aangepakt. De voorbereidingen in Nederland gingen namelijk niet zonder slag of stoot.
De auto versleet in korte tijd meerdere versnellingsbakken en de remschijven trokken telkens krom. Ook verbogen aandrijfassen en een hardnekkige trilling zorgden voor flinke vertraging in de planning.
Om de kleine Volkswagen betrouwbaar te maken, is de standaard koppeling vervangen door een zwaarder exemplaar uit een Polo. De sterkere torsieveren van deze koppeling vangen de natuurlijke onbalans van het driecilinderblok veel beter op, wat noodzakelijk is voor een trip van duizenden kilometers.
Meer bodemspeling en een dubbele stroomvoorziening
Wegen vol ijs en diepe sporen vragen om voldoende bodemspeling. Daarom kreeg de ophanging een verhogingsset. In combinatie met grotere wielen van een Nissan Micra staat de Up nu in totaal ruim zes centimeter hoger op zijn poten.
In de Siberische winter is een betrouwbare stroomvoorziening essentieel. De originele dynamo maakte plaats voor een exemplaar van 140 ampère. Deze levert genoeg stroom voor de ledbar op de voorbumper en de extra breedstralers aan de zijkant, die hard nodig zijn op aardedonkere wegen.
Tegelijkertijd laadt deze dynamo een grote huishoudaccu in de achterbak op. Deze accu voedt vervolgens een standkachel onder de motorkap. Die houdt 's nachts de cabine warm, maar verwarmt ook direct de koelvloeistof van het motorblok zodat de auto bij extreme vorst de volgende ochtend gewoon start.
Testen in de Alpen en slapen op oude matrassen
De auto werd eerst uitgebreid getest tijdens een roadtrip door de Alpen en Slovenië. Hier bleek al snel dat wildkamperen in een compacte auto de nodige uitdagingen kent. De originele deuren en ruiten hielden de kou op een verlaten bergpas totaal niet buiten.
Eenmaal thuis werd dit opgelost door uitneembare isolatiepanelen te snijden uit een oud topmatras. Deze schuimpanelen zijn gewikkeld in reflecterende folie en afgewerkt met zwarte stof. Hierdoor blijft de warmte binnen en valt het nauwelijks op.
De isolatie bleek geen overbodige luxe. Op dag 24 van de reis naar Jakoetsk daalde de temperatuur tot onder de veertig graden onder nul. Na uren rijden in het donker zonder mobiel bereik, was het veiliger om de nacht door te brengen op een besneeuwde parkeerplaats in plaats van door te rijden. Dankzij de matraspanelen en de standkachel bleef het binnen een comfortabele 25 graden.
Stroperige olie en de grenzen van de stadsauto
Eenmaal aangekomen in Jakoetsk liep de auto toch echt tegen zijn fysieke grenzen aan. Het digitale dashboard weigerde dienst omdat het ontworpen is tot maximaal 45 graden onder nul.
Daarnaast werden de hydraulische vloeistoffen en de versnellingsbakolie zo dik als stroop door de kou, waardoor schakelen zwaar en moeizaam ging. Buiten de auto was het inmiddels zo koud dat filmen zonder handschoenen na een paar minuten al ondragelijk werd.
Ondanks deze extreme omstandigheden en het zware protest van de techniek hield de kleine Volkswagen het vol. Zonder grote defecten bracht de auto hem uiteindelijk veilig over de stijf bevroren Lena-rivier.