De brandstofprijzen rijzen de pan uit door de aanhoudende onrust in het Midden Oosten. Waar veel Europese regeringen de situatie momenteel afwachten, neemt de Italiaanse premier Giorgia Meloni het heft in eigen hand.
De regering in Rome heeft per direct een noodwet aangenomen om de torenhoge kosten voor automobilisten en transportbedrijven te verlagen. Met een flinke belastingverlaging wil Italië voorkomen dat de dure brandstof ook de prijzen van alledaagse consumentengoederen verder opjaagt.
Direct 25 cent korting en een streng antispeculatiemechanisme
De Italiaanse ingreep is fors. Door de accijnzen op benzine en diesel te verlagen, betalen consumenten aan de pomp per direct 25 cent per liter minder. Daarnaast introduceert de regering een speciaal antispeculatiemechanisme.
Dit systeem koppelt de prijs die je aan de pomp betaalt keihard aan de actuele prijs van ruwe olie op de wereldmarkt. Hiermee wil Meloni voorkomen dat grote oliemaatschappijen de crisis misbruiken om met ongerechtvaardigde prijsstijgingen hun eigen winstmarges stiekem te vergroten.
Waarom de rest van Europa niet meedoet met deze korting
Terwijl de Italianen juichen, kijken bestuurders in omliggende landen met een schuin oog naar deze maatregel. Waarom wordt een soortgelijke tankkorting hier niet zomaar ingevoerd?
In Duitsland heeft de overheid zich daar inmiddels luid en duidelijk over uitgesproken. Volgens Duitse politici is een belastingverlaging simpelweg een verkapte subsidie voor grote oliemaatschappijen.
Zij stellen dat je afzetterij niet moet bestrijden met belastinggeld van de hardwerkende burger. In plaats van kortingen uit te delen aan de pomp, pleiten zij voor veel strengere controles op de winsten van de grote brandstofbedrijven.
Slowakije kiest voor een harde limiet van 400 euro
Ook andere landen in Europa zoeken naar oplossingen voor de oliecrisis, maar kiezen een totaal andere route dan Italië. Slowakije heeft bijvoorbeeld besloten om de verkoop van brandstof tijdelijk streng in te perken.
Bestuurders mogen daar per keer voor maximaal 400 euro tanken. Hoewel dit voor een normale personenauto een onbereikbaar bedrag lijkt, is deze limiet cruciaal om grootschalig hamsteren met busjes vol vaten en extreem tanktoerisme door vrachtwagens de kop in te drukken. Voor de gewone automobilist zit de echte beperking in de regels rondom losse opslag: het is daar nu wettelijk verboden om meer dan tien liter brandstof in jerrycans mee te nemen.