Volgens ingewijden tegenover het Duitse zakenblad Handelsblatt wordt er in Berlijn en Brussel hard gewerkt aan een plan om het 'Verbrenner-Aus' verder te ontmantelen. De CDU wil garanderen dat er ook na 2035 nog op grote schaal auto's met een brandstof motor geproduceerd en verkocht mogen worden.
Van 100 naar 80 procent
Oorspronkelijk was het plan van de EU simpel: vanaf 2035 mochten nieuwe auto's nul gram CO2 uitstoten. De Europese Commissie zwakte dit onlangs al af naar een reductie van 90 procent ten opzichte van 2021, waarbij de resterende 10 procent gecompenseerd mocht worden via groen staal of e-fuels.
Voor de Duitse conservatieven is dit een doekje voor het bloeden. De industrie klaagt dat de ingewikkelde compensatieregels nauwelijks verlichting bieden. De eis van de CDU is nu een reductie van 'slechts' 80 procent, zónder de dwingende en complexe compensatie eisen. Hiermee nemen de politici de wensen van de Duitse autobouwers één op één over.
Angst voor de toeleveranciers
De reden voor deze politieke draai is puur economisch. De Duitse auto industrie staat onder zware druk. Er verdwijnen banen en de concurrentiepositie wankelt door de goedkope import uit China en de nieuwe handelstarieven van de Amerikaanse president Trump. Vooral de grote toeleveranciers, die decennialang leunden op de complexe techniek van de verbrandingsmotor, hebben moeite met de snelle transitie. Een hooggeplaatste politicus waarschuwt in Handelsblatt voor een economische "stall" (het stilvallen van de motor van de economie) als de productievolumes van brandstofauto's te ver terugvallen.
Politiek mijnenveld in Berlijn en Brussel
De weg naar een afzwakking is echter bezaaid met obstakels. In de Duitse coalitie stuit de CDU geleide regering op fel verzet van coalitiepartner SPD. Milieuminister Carsten Schneider (SPD) wil vasthouden aan de huidige plannen. Als de SPD niet buigt, moet Duitsland zich bij een Europese stemming onthouden, wat het einde van het reddingsplan voor de verbrandingsmotor zou betekenen. De hoop van de CDU is gevestigd op vicekanselier Lars Klingbeil (SPD), in de veronderstelling dat hij de economische belangen van de industrie zwaarder laat wegen na recente regionale verkiezingsnederlagen.
Ook in het Europees Parlement is het spannend. De christendemocratische EVP-fractie heeft voor deze versoepeling geen steun van de groenen of sociaaldemocraten en zal waarschijnlijk moeten leunen op de rechtse flank om een meerderheid te forceren.
Het verbod door de achterdeur
Ondertussen woedt er nog een tweede strijd. De EU Commissie wil landen verplichten om het wagenpark voor de zakelijke markt (lease auto's) in hoog tempo te elektrificeren. Voor Duitsland ligt er een voorstel voor een EV-quotum van maar liefst 95 procent in 2035. De industrie noemt dit een "brandstofverbod door de achterdeur", aangezien de leasemarkt de motor is van de nieuwverkopen. Ook deze regel wil de CDU stevig afzwakken of zelfs volledig van tafel vegen.
De strijd om de stekker versus de pomp is in 2026 dus feller dan ooit tevoren.