Achter Volkswagens aankondiging van een nieuwe full hybrid voor de Golf en T-Roc zit aanzienlijk meer dan alleen een extra aandrijflijn. De introductie leest als een strategische correctie. Het Duitse merk geeft hiermee impliciet toe dat de bestaande hybride line-up voor een flinke groep autokopers simpelweg niet toereikend was. Tussen de uiterst bereikbare eTSI en de zakelijke eHybrid zat een duidelijk gat, en dat probeert Volkswagen vanaf het vierde kwartaal van dit jaar alsnog te vullen.
De positionering van deze nieuwe aandrijflijn is veelzeggend. Jarenlang bood de fabrikant de showroomkoper uitsluitend de keuze tussen de eTSI (mild hybrid) voor de massa en de eHybrid of sportieve GTE (plug-in hybrid) voor de zakelijke rijder of de consument met een ruimer budget. De realiteit op de dealervloer was echter weerbarstig. Een mild hybrid biedt in de praktijk slechts een beperkte vorm van elektrificatie en rolt op de snelweg hooguit wat soepeler uit. Een plug-in hybride is in aanschaf direct een stuk duurder en vereist een structurele laaddiscipline om het flinke extra gewicht van het accupakket te compenseren. Wie de voordelen van elektrisch rijden in de stad wilde combineren met het gemak van een benzineauto, zónder de afhankelijkheid van een laadkabel, had bij Volkswagen bijzonder weinig te zoeken.
Geen stekker, wel vaker elektrisch
Die specifieke en grote klantengroep wordt vanaf eind dit jaar eindelijk bediend met modellen die simpelweg de nuchtere badge Hybrid dragen. De techniek onderhuids leunt op de vertrouwde 1.5 TSI evo2 viercilinder, maar pakt de aandrijving wezenlijk anders aan dan de bestaande varianten. Het systeem beschikt over twee afzonderlijke elektromotoren en een compacte lithium-ion batterij van 1,6 kWh. De auto hoeft daardoor nooit aan een laadpaal; de benodigde elektrische energie wordt volledig aan boord opgewekt door remenergie te recupereren en via de draaiende verbrandingsmotor. Er komen straks twee vermogensniveaus beschikbaar, die beide hun krachten uitsluitend naar de vooras sturen.
Het opwekken en inzetten van stroom gebeurt in een van de drie automatische rijmodi. Bij lage snelheden, veelal in de stad, rijdt de Golf of T-Roc volledig elektrisch en is de TSI uitgeschakeld. Neemt de stroombehoefte toe, dan schakelt het systeem over naar de seriële modus. Hierbij drijft uitsluitend de eerste elektromotor de vooras aan, terwijl de benzinemotor in zijn meest optimale toerengebied draait om via de tweede elektromotor (die puur fungeert als generator) direct stroom voor de kleine batterij op te wekken. Pas bij snelheden boven de zestig kilometer per uur werken de brandstofmotor en de elektromotor op de vooras direct en parallel samen om de auto aan te drijven.
Een logische belofte zonder hard prijskaartje
Dat Volkswagen deze nieuwe techniek niet voorzichtig debuteert in een obscuur nichemodel, maar direct in de absolute volumemodellen Golf en T-Roc monteert, bewijst de grote commerciële verwachtingen in Wolfsburg. De bestuurder kan de prestaties straks naar wens afknijpen of maximaliseren via drie rijprofielen. In de Eco stand kapt de auto het vermogen af op zeventig procent en schakelt de elektrische boostfunctie uit, terwijl de Sport stand de verbrandingsmotor juist veel vroeger activeert om de volle acceleratie paraat te hebben.
De merkbelofte dat dit systeem in de praktijk zuiniger is dan een eTSI en goedkoper in aanschaf dan een eHybrid, klinkt op papier als een uiterst logische oplossing voor de twijfelende koper. Volkswagen weigert vooralsnog echter om deze beloftes te staven met harde cijfers. Volkswagen zet met deze full hybrid een logische strategische stap, maar zal op de prijslijst nog moeten bewijzen hoe aantrekkelijk die middenweg echt is. Pas als de harde showroomprijzen, het WLTP-verbruik en de uitstoot op tafel liggen, valt definitief te beoordelen of dit inderdaad de ideale hybride is die zolang tussen de eTSI en eHybrid ontbrak.