Wie 's ochtends naar zijn auto loopt, hoopt hem aan te treffen zoals hij de avond ervoor werd achtergelaten. In veel grote Nederlandse steden is die zekerheid echter nog altijd beperkt. Het aantal compleet gestolen auto’s daalt weliswaar licht, maar volgens verzekeringsexpert Jean-Paul Würsten van vergelijkingssite Overstappen.nl vertelt die daling slechts een deel van het verhaal. Voor veel autobezitters zit het dagelijkse risico namelijk net zo goed in braakschade, gestolen onderdelen en spullen die uit de auto worden meegenomen.
Uit een recente data-analyse van politiedata blijkt dat er in het eerste kwartaal van 2026 in totaal 1.893 motorvoertuigen werden gestolen in Nederland. Dat is een voorzichtige daling van negen procent ten opzichte van dezelfde periode een jaar eerder, toen er nog 2.083 voertuigen verdwenen. Wie echter denkt dat de straten daarmee per definitie veiliger zijn geworden, kijkt te beperkt. Het aantal incidenten waarbij spullen uit of onderdelen vanaf de auto werden gestolen, steeg in ditzelfde kwartaal juist licht naar 9.999 gevallen.
In deze steden blijft het risico het grootst
Wanneer we de geregistreerde cijfers op de landkaart uittekenen, blijken de grote steden nog altijd de voornaamste doelwitten voor voertuigcriminaliteit. Amsterdam voert de ranglijst van compleet gestolen voertuigen aan met 220 stuks in het eerste kwartaal, al is dat een lichte daling ten opzichte van de 231 incidenten in 2025. Rotterdam (124), Den Haag (82), Utrecht (54) en Eindhoven (45) completeren de top vijf van steden waar de kans op diefstal het hoogst is. Een opvallende stijger in de landelijke statistieken is overigens Nijmegen; dit is de enige grote stad in de top zes waar het aantal gestolen auto's juist flink toenam, van 34 naar 43 incidenten.
De daling van het totaal aantal compleet gestolen auto's in Nederland is een bescheiden lichtpuntje, maar voor de gemiddelde automobilist blijft juist de auto-inbraak een hardnekkig risico. Het gaat hierbij om ingetikte ruiten, gestolen airbags, verdwenen buitenspiegels, ingebouwde navigatiesystemen of simpelweg waardevolle spullen die te zichtbaar in het interieur zijn achtergelaten.
Ook bij deze vorm van criminaliteit spant de hoofdstad met 1.353 incidenten in het eerste kwartaal de kroon. Rotterdam (1.172) en Utrecht (1.078) volgen op de voet. Het is daarbij opvallend te noemen dat de stad Utrecht aanzienlijk hoger scoort op inbraak en onderdelendiefstal dan je op basis van hun vierde plek op de lijst van compleet gestolen auto's zou verwachten.
De financiële relevantie voor de automobilist
De lichte daling in het eerste kwartaal van dit jaar moet bovendien in de juiste context worden geplaatst. Over het gehele jaar 2025 werden er in Nederland namelijk nog 7.497 personenauto's gestolen, wat destijds een forse stijging van 12 procent betekende ten opzichte van het jaar daarvoor. De totale schade van die landelijke autodiefstallen liep toen op tot ruim 127 miljoen euro. De voorzichtige daling in de eerste maanden van dit jaar betekent dus nog lang niet dat het probleem structureel is opgelost.
Voor de gewone automobilist is deze ontwikkeling niet alleen ontzettend vervelend, maar vooral ook financieel relevant. Met alleen een verplichte WA-verzekering wordt de diefstal van het voertuig of de achtergebleven braakschade meestal helemaal niet vergoed. Wie zich ook effectief tegen deze stijgende risico's wil indekken, komt al snel uit bij een WA+ (beperkt casco) of een allrisk-dekking. Zeker voor autobezitters in de grote steden waar de voertuigcriminaliteit onverminderd hoog blijft, wordt een uitgebreidere dekking daardoor voor velen een stuk logischer.