De Noorse automobilistenclub NAF hield samen met autosite Motor de bekende El Prix-wintertest. Voor deze editie stuurden ze 24 nieuwe elektrische auto’s de weg op bij temperaturen die zakten tot ruim 30 graden onder nul. Gemiddeld verloren de testauto’s ongeveer 38 procent van hun WLTP-actieradius. De Lucid Air kwam met circa 520 gereden kilometers het verst, maar omdat die auto een WLTP-bereik van 960 kilometer heeft, noteerde het luxemodel alsnog een fors procentueel verlies van ongeveer 46 procent.
Enkele compactere modellen bleven in de test dichter bij hun fabrieksopgave. Zo haalde de Hyundai Inster 256 kilometer tegenover 360 kilometer WLTP en kwam de MG S6 EV tot 345 kilometer tegenover 485 kilometer WLTP. Beide auto’s beperkten het verlies daarmee tot ongeveer 29 procent. De test laat vooral zien dat WLTP geen garantie is voor extreme omstandigheden, zeker niet wanneer batterij, verwarming en banden met diepe vrieskou te maken krijgen.
Waarom de zomervakantie een ander verhaal is
Voor de gemiddelde Nederlandse EV-rijder klinkt zo’n wintertest als slecht nieuws. Wie in juli volgepakt richting de Alpen of de Spaanse kust rijdt, denkt al snel aan lange laadstops en een snel teruglopend batterijpercentage. Toch is die angst in de zomer een stuk minder terecht dan in de winter. Batterijen functioneren bij milde tot warme temperaturen doorgaans efficiënter dan in extreme kou, en airco kost meestal minder energie dan winterverwarming en batterijopwarming.
De Amerikaanse dataleverancier Recurrent stelde op basis van praktijkdata vast dat EV’s bij ongeveer 32 graden gemiddeld rond de 5 procent bereik verliezen. Extreme hitte kan meer impact hebben, maar normale zomerse warmte is meestal niet de grote boosdoener. AAA kwam in een strengere test bij 35 graden met airco ingeschakeld uit op ongeveer 17 procent bereikverlies.
Ook de ADAC nuanceert de angst voor airco. In een zwaar scenario met een Tesla Model Y die acht uur in zomerse hitte bleef koelen, kostte dat ongeveer 12 kWh stroom, oftewel circa 64 kilometer bereik. Dat is niet niets, maar het is ook geen reden om bij 35 graden de airco uit te laten. Comfort en veiligheid gaan dan gewoon voor.
De echte stroomvreters staan op het dak
De valkuil tijdens de zomervakantie zit dus vaak niet in de buitentemperatuur, maar in je eigen reisopstelling. Wie urenlang met 130 kilometer per uur richting het zuiden rijdt, verbruikt duidelijk meer stroom dan tijdens een rustige rit in Nederland. Zet daar een dakkoffer bovenop en hang twee zware elektrische fietsen achterop, en de auto moet veel harder werken om dezelfde afstand af te leggen.
Bereid je vakantierit daarom praktisch voor. Laad thuis of op de camping tot 100 procent als je aan een lange etappe begint en koel het interieur alvast terwijl de auto nog aan de laadpaal hangt. Plan je laadstops vooral rond de efficiënte 10-80 procentfase en probeer niet met een bijna lege accu bij een druk laadplein aan te komen. Controleer ook de bandenspanning, want een volgepakte auto met zachte banden verbruikt onnodig veel extra stroom.
De Noorse ijskou toont duidelijk aan dat WLTP-cijfers geen belofte zijn voor de werkelijke actieradius in extreme omstandigheden. Voor de zomervakantie is de belangrijkste les echter niet dat elektrisch rijden lastig wordt. De les is dat je met een realistische kruissnelheid, slimme laadplanning en een beetje aandacht voor bagage veel meer bereik overhoudt dan wanneer je blind vertrouwt op het brochurecijfer.