Algemeen

Deze Chinese ‘vliegende auto’ is bijna klaar, maar niemand weet nog waar hij mag opstijgen

Vergeet het clichébeeld uit sciencefictionfilms waarin een gewone auto met een druk op de knop vleugels uitslaat en wegvliegt uit de file. Het Chinese automerk Xpeng laat zien dat de toekomst van de ‘vliegende auto’ praktischer, maar tegelijk veel complexer in elkaar zit. Hun Land Aircraft Carrier nadert volgens Xpeng de productiefase, maar staat nog voor een enorme regelgevende muur.

Redactie Autobahn
2 minuten
Deze Chinese ‘vliegende auto’ is bijna klaar, maar niemand weet nog waar hij mag opstijgen

Xpeng pakt het opvallend anders aan dan veel eerdere vliegende-auto-projecten. In plaats van één voertuig te bouwen dat tegelijk auto en vliegtuig moet zijn, kozen de Chinezen voor een modulair systeem. De Land Aircraft Carrier bestaat uit een fors, zeswielig ‘moederschip’ met elektrische en range-extender-aandrijving. Achterin zit een losse tweepersoons eVTOL-module: een elektrisch toestel dat verticaal kan opstijgen en landen.

Volautomatisch scheiden en koppelen

Volgens AeroHT, de luchttak van Xpeng, heeft dit gescheiden systeem een praktisch voordeel: het grondvoertuig blijft een auto, terwijl de luchtmodule alleen hoeft te vliegen. Het zeswielige voertuig rijdt over de openbare weg en heeft volgens eigen berekeningen een bereik van zo’n 1.000 kilometer. Zodra je wilt vliegen, schuift de eVTOL volautomatisch uit de achterkant. Dat hele scheidings- en koppelingsproces zou niet langer dan vijf minuten in beslag nemen.

Het slimste aan deze combinatie is dat het rijdende deel fungeert als grote powerbank. Een volle tank en opgeladen batterij in de auto leveren volgens de fabrikant voldoende energie voor maximaal zes korte vluchten. Daarmee richt Xpeng zich niet alleen op rijke particuliere kopers, maar ook op gebruiksscenario’s zoals recreatie, noodhulp en zoekacties in moeilijk bereikbaar gebied.

Productie en orders

De ambities van de fabrikant zijn allesbehalve theorie. Volgens persbureau Reuters heeft Xpeng inmiddels meer dan 7.000 orders binnen, voornamelijk uit China. Xpeng mikt op vroege leveringen eind 2026, met een grootschaligere uitrol richting klanten in 2027. Daarbij blijft één voorwaarde cruciaal: goedkeuring door de luchtvaartautoriteiten.

De echte muur heet luchtvaartwetgeving

Toch hangt dat tijdpad aan een gigantische ‘als’. De techniek staat inmiddels op beursvloeren, maar het echte struikelblok is wereldwijd hetzelfde: regelgeving, luchtruim en gebruikslocaties. Xpeng bouwt immers niet alleen een auto, maar ook een luchtvaartuig. Zowel in China als in Europa kun je absoluut niet zomaar opstijgen vanaf een parkeerplaats langs de A2.

Het toestel moet in elk afzonderlijk land of gebied worden gecertificeerd. In Europa werkt luchtvaartautoriteit EASA al jaren aan aparte voorwaarden en certificeringstrajecten voor VTOL-toestellen. En zelfs als het toestel op papier is goedgekeurd, stuit je op praktische hordes: heb je een pilotenbrevet nodig, hoe verzeker je zo’n ding, wie regelt de aansprakelijkheid bij een crash en waar mag je überhaupt legaal de lucht in?

Waarom China veel sneller kan zijn

Xpeng richt zich daarom eerst vol op de thuismarkt. China stuurt actief op de ontwikkeling van de zogeheten low-altitude economy, waardoor bedrijven als Xpeng in eigen land sneller gecontroleerde test- en gebruikslocaties kunnen opbouwen. AeroHT spreekt bovendien over speciale ‘flying camps’: plekken buiten de drukke steden waar vliegen veel gecontroleerder kan worden georganiseerd dan midden in de stad.

Voor de Europese of Nederlandse automobilist blijft het hele project daarom voorlopig een futuristisch schouwspel op afstand. De Europese regelgeving is veel voorzichtiger en de dichtbevolkte infrastructuur leent zich voorlopig niet voor een wildgroei aan privédrones. Xpeng laat met de Land Aircraft Carrier zien dat de techniek dichter bij verkoop komt, maar de lucht eromheen is nog lang niet klaar voor de klant.