Wie weleens geprobeerd heeft om een internationale treinreis te boeken die verder gaat dan een simpel ritje van Amsterdam naar Parijs, weet dat het al snel een hoofdpijndossier wordt. Waar je voor een vlucht naar de andere kant van de wereld met een paar muisklikken klaar bent, moet je voor een treinreis kriskras door de Europese Unie vaak losse kaartjes boeken bij allerlei verschillende nationale spoorwegmaatschappijen.
Naast het ongemak bij het boeken, schuilt het grootste gevaar in de aansluiting. Als de Duitse ICE door de bekende, eindeloze vertragingen ervoor zorgt dat je je aansluiting op de Oostenrijkse Nightjet mist, heb je met losse tickets simpelweg dikke pech. Omdat je met meerdere aanbieders reist, is in zo'n geval niemand verantwoordelijk voor een vervangende trein, een hotelovernachting of het betalen van een schadevergoeding. Je staat letterlijk in de kou op het perron.
Eén ticket voor de hele EU
De Europese Commissie heeft nu een nieuw wetsvoorstel gepresenteerd dat een definitief einde moet maken aan dit versnipperde spoorwegbeleid. Het doel uit Brussel is helder: het moet net zo makkelijk en veilig worden om de trein te pakken als het boeken van een vliegticket.
De kern van het voorstel is de introductie van één Europees ticketsysteem. Grote spoorwegbeheerders, zoals de Deutsche Bahn en het Franse SNCF, worden in het plan wettelijk verplicht om ook tickets van collega-maatschappijen uit andere EU-landen te verkopen. Om dit te realiseren, moeten alle Europese spoorwegbedrijven hun dienstregelingen, live vertragingen en ticketprijzen transparant met elkaar gaan delen. Niet alleen de nationale spoorwegen, maar ook onafhankelijke boekingsplatforms krijgen daardoor de mogelijkheid om naadloze, pan-Europese reizen aan te bieden op één enkele factuur.
Keiharde compensatie bij vertraging
Het mooiste onderdeel van het Brusselse voorstel voor de reiziger is ongetwijfeld de nieuwe regeling rondom vertragingen. Wanneer je in de toekomst op een internationale reis je aansluiting mist, krijg je het recht om simpelweg de eerstvolgende trein te pakken of het volledige bedrag van de reis terug te eisen. Bij lange wachttijden wordt er bovendien een financiële vergoeding uitgekeerd. De spoorwegmaatschappij die de eerste vertraging veroorzaakte, draait vervolgens op voor deze kosten.
Spoorweggiganten liggen dwars
Hoewel het plan voor de consument klinkt als muziek in de oren, stuiten de voorstellen van de Europese Commissie op hevige weerstand vanuit de spoorwegbranche zelf. Brussel heeft grote partijen zoals de Duitse DB en het Spaanse Renfe al vaker op de vingers getikt wegens het achterhouden van data om concurrentie te blokkeren.
Albert Mazzola, de topman van de Europese branchevereniging voor spoorbeheerders, uit in de media dan ook felle kritiek op de plannen. "Er is werkelijk geen enkele andere sector waar je wettelijk verplicht wordt om direct de producten van je concurrent te verkopen", briest de topman.
Het wetsvoorstel gaat nu de politieke arena in, waar het zal worden besproken door het Europees Parlement en de regeringsleiders van de zevenentwintig lidstaten. De verwachting is dat de machtige, vaak door de staat gesteunde spoorbedrijven via hun nationale regeringen stevig zullen lobbyen om de plannen af te zwakken. De daadwerkelijke invoering van het Europese treinticket laat dus ongetwijfeld nog even op zich wachten.