Voor een comfortabele roadtrip naar de Franse hoofdstad pak je doorgaans een snelle, ruime en veilige auto. De Britse YouTuber Ally Law nam het uiterste andere spectrum van de automarkt: de Peel P50. Met een lengte van nog geen 1,4 meter is deze driewieler door Guinness World Records officieel geregistreerd als de kleinste productieauto ter wereld. Het wagentje is krap een meter breed, weegt zo'n 60 kilo, beschikt over één enkele deur en biedt volgens de originele folders ruimte aan "één volwassene en een boodschappentas".
De Peel P50 – oorspronkelijk gebouwd in de jaren zestig op het Isle of Man en later wereldberoemd gemaakt door Top Gear – mist logischerwijs elke vorm van moderne veiligheidsvoorzieningen. Het iconische karretje wordt aangedreven door een schamel 49cc-motortje. Law had echter één absurd doel voor ogen: met deze kwetsbaarste roadtrip-auto denkbaar de oversteek van Londen naar de Eiffeltoren maken.
Kwetsbaar in de Britse spits
De trip begint meteen chaotisch in de vroege uren van de Londense spits. Terwijl Law wordt omringd door denderend vrachtverkeer en gehaaste forenzen, blijkt de Peel P50 de drukte en de stadshellingen nauwelijks aan te kunnen. De snelheid zakt regelmatig terug tot nog geen 30 km/u.
Tot overmaat van ramp valt de verbrandingsmotor meerdere keren compleet stil, precies wanneer de piepkleine driewieler zich in de meest benarde posities op de drukke wegen bevindt. De bestuurder realiseert zich al snel dat het een hachelijke onderneming wordt. Snelwegen waren door de extreem lage snelheid en kwetsbaarheid in elk geval geen realistische optie, waardoor Law grotendeels was aangewezen op tragere N-wegen en provinciale routes. Hij moet zijn kleine achteruitkijkspiegels continu in de gaten houden voor aanstormend verkeer.
Modder, vermoeidheid en windturbines
De tocht verloopt bovendien verre van soepel. De P50 schudt hevig, trilt bij elke oneffenheid in het wegdek en maakt in het interieur een oorverdovend kabaal, waardoor de rit fysiek uitputtend en mentaal behoorlijk slopend wordt. Na vele uren overleven, het verlies van diverse carrosserie-onderdelen door de trillingen en een zenuwslopende overtocht met de veerboot, komt Law pas in de avonduren aan in Noord-Frankrijk.
Zijn zicht wordt in het donker nagenoeg nihil door de beslagen, vieze ruitjes. De Brit belandt in de holst van de nacht op een modderig landweggetje. Volkomen uitgeput, en na bijna een etmaal te hebben doorgehaald, brengt hij de nacht rillend door op de roosters onder een Franse windturbine, wachtend tot de zon opkomt voor het laatste traject richting de Franse hoofdstad.
Paniek op de Arc de Triomphe
Na een roerige nacht in de openlucht en in een smerige P50 weet hij tegen alle verwachtingen in eindelijk de rand van Parijs te bereiken. Wat volgt is wellicht de meest zenuwslopende uitdaging van de hele trip: het navigeren in dit speelgoedwagentje over de beruchte en gigantische rotonde rondom de Arc de Triomphe.
Omringd door agressieve Parijse automobilisten en met een voertuig dat bij abrupte stuurbewegingen sneller de neiging heeft om om te vallen dan om stevig door te trekken, weet Law de enorme verkeerschaos te overleven. Hij parkeert het inmiddels zwaar gehavende, olie lekkende karretje recht onder de Eiffeltoren. Het bewijs is definitief geleverd: je kunt met de Peel P50 daadwerkelijk de oversteek naar Parijs maken, al vergt het een uiterst fitte bestuurder en een flinke dosis mechanisch geluk.