Het was tientallen jaren de ultieme waarheid in de autowereld. De automaat was voor comfortzoekers en luxewagens, maar de nuchtere automobilist die brandstof wilde besparen (en een lagere aanschafprijs eiste), koos standaard voor een auto met drie pedalen en een handbak. De ouderwetsere automatische transmissies met koppelomvormer zorgden voor traag schakelgedrag en een fors hoger verbruik.
Inmiddels is die theorie achterhaald. Sinds de introductie van de razendsnelle dubbelekoppelingsversnellingsbakken (zoals de DSG) en moderne automaten met acht of zelfs negen verzetten, is de techniek onherkenbaar veranderd. De automaat is niet langer de luie grootverbruiker, maar vaak juist efficiënter. Maar is de handbak daarmee definitief de grootste brandstofslurper geworden?
Efficiëntie versus techniek
Vanuit een puur mechanisch perspectief heeft de handgeschakelde versnellingsbak nog altijd een streepje voor. Hij is eenvoudiger gebouwd, bevat minder bewegende delen en creëert daardoor minder wrijvingsverlies dan een complexe automaat. Dat zou theoretisch moeten betekenen dat een handbak zuiniger is.
De praktijk blijkt echter compleet anders. Moderne automaten zijn dusdanig geprogrammeerd dat ze de motor altijd in het meest efficiënte toerental houden. Een automaat met acht versnellingen kan veel fijner afstemmen dan een mens met zes handmatige verzetten. Het meerverbruik van een handbak wordt daardoor bijna altijd veroorzaakt door de bestuurder zelf; te lang doortrekken in de toeren, onnodig agressief accelereren en simpelweg vergeten om tijdig op te schakelen.
Zuinig rijden met een automaat
Wie voor de maximale besparing gaat en een automaat rijdt, kan de boordcomputer nog best een handje helpen. Vermijd de kick-down (het gas vol naar de bodem trappen) tenzij je snel moet inhalen. Gebruik daarnaast de Eco-modus als jouw auto die heeft; de automaat schakelt dan nóg sneller op.
Een ander handig trucje: laat bij het bereiken van de gewenste snelheid het gas even kort en subtiel los. Moderne automaten gebruiken dit als een signaal om direct op te schakelen, waardoor het toerental daalt en je efficiënter rolt. Laat de auto bovendien zoveel mogelijk uitrollen en anticipeer ver vooruit, dan rolt het systeem vrijwel gratis mee.
De handbak efficiënt gebruiken
Wie nog een vertrouwde handbak bezit en wil concurreren met het lage verbruik van een automaat, moet gedisciplineerd rijden. Het geheim is om vlot te versnellen (het gas tot ongeveer twee derde indrukken) en extreem vroeg op te schakelen. Meestal kun je al ruimschoots onder de 2.000 toeren naar een hogere versnelling.
Zorg ervoor dat je altijd de hoogst mogelijke versnelling kiest voor je snelheid, zolang de motor maar niet schokt of stottert. Hoe lager de toeren, hoe minder brandstof er door de injectoren gaat. Gebruik bij het naderen van een rood stoplicht of een rotonde bovendien het afremmen op de motor (tijdig terugschakelen zonder gas te geven); op dat moment wordt de brandstoftoevoer namelijk volledig afgesloten (de zogenaamde fuel cut-off).
De opmars van de automaat
Kijk je puur naar de showroom, dan is de strijd tussen de twee versnellingsbakken inmiddels overduidelijk beslist. Het is steeds vaker zoeken naar een auto mét handbak. Bij merken als BMW en Mercedes-Benz ligt het aandeel automaten in de verkopen al ver boven de 90 procent en luxere modellen zijn überhaupt niet meer met een pook te bestellen.
Ook bij compacte auto's, hybrides en natuurlijk elektrische auto's is het verdwijnen van het ontkoppelingspedaal de standaard geworden. De automaat kost bij aanschaf wellicht iets meer (soms enkele duizenden euro's), maar levert bij de latere verkoop op de occasionmarkt ook direct een hogere restwaarde op. Het comfort heeft de strijd gewonnen en, mits je normaal rijdt, zonder dat je daar extra voor hoeft af te rekenen aan de pomp.