Een bruikbaar stukje asfalt in het centrum bemachtigen is tegenwoordig een behoorlijke uitdaging. Volgens een nieuwe studie van de Europese organisatie Transport & Environment (T&E) wordt dit herkenbare probleem de komende jaren aanzienlijk groter. De oorzaak ligt niet direct bij een toename van het absolute aantal voertuigen, maar puur bij de fysieke afmetingen van onze vierwielers. Onze auto's groeien ongemerkt uit hun voegen.
Uit de uitgebreide data van de onderzoekers blijkt dat nieuwe voertuigen sinds de eeuwwisseling een forse en constante groeispurt doormaken. De lengte van een nieuw verkochte auto neemt sinds het jaar 2000 gemiddeld met exact 1,2 centimeter per jaar toe. Dat klinkt op papier bescheiden, maar over een periode van ruim twintig jaar praten we inmiddels over een kwart meter extra blik.
De constante groei in breedte en hoogte
Niet alleen de lengte van de voertuigen neemt gestaag toe. De breedte van de auto's stijgt met een halve centimeter per jaar en ook de hoogte van de motorkap neemt onverminderd toe met 0,5 centimeter per jaar. Moderne hatchbacks en compacte sedans transformeren hierdoor langzaam maar zeker in massieve, brede en hoge blokken metaal. Deze fysieke expansie heeft een directe invloed op de inrichting van onze straten.
De infrastructuur in steden stamt veelal uit een tijdperk waarin auto's aanzienlijk compacter waren. Een standaard parkeervak is tegenwoordig niet meer berekend op de afmetingen van de huidige generatie brede voertuigen. Doordat een modern voertuig in de praktijk vaak over de lijntjes van de eigen parkeerplaats heen puilt, daalt de totale parkeercapaciteit op straat in een hoog tempo.
Het verlies van de stedelijke parkeerruimte
De onderzoekers schetsen een somber toekomstbeeld voor de automobilist die zijn wagen in de straat kwijt wil. Als deze groeitrend zich in het huidige tempo voortzet, verliezen Europese steden tot het jaar 2040 tussen de 8,5 en 14 procent van hun totale parkeerruimte langs de straten. Bij het inparkeren over de gehele straatlengte passen er door de toegenomen voertuiggrootte straks tienduizenden auto's minder op het asfalt dan vandaag de dag.
Zeker in landen met historisch krappe binnensteden levert dit forse logistieke problemen op. Bewoners moeten steeds verder van huis parkeren en de frustratie in de wijken neemt toe. De strijd om de beperkte vierkante meters is echter niet het enige probleem dat door het onderzoek pijnlijk bloot wordt gelegd.
Verhoogde motorkappen en fatale ongelukken
De ongebreidelde groei in voertuiggrootte brengt een zeer gevaarlijk neveneffect met zich mee. Doordat de motorkap elk jaar een halve centimeter hoger wordt, neemt het directe zicht vanuit de bestuurdersstoel sterk af. Hierdoor ontstaat een aanzienlijk grotere dode hoek direct voor de auto, waardoor spelende kinderen of kleine voetgangers veel sneller over het hoofd worden gezien.
Daarnaast verandert de dynamiek van een botsing. Bij een aanrijding raakt de hoge, stompe neus van het voertuig het slachtoffer niet meer op de benen, maar direct in de zij of op vitale organen. Dit maakt de impact vele malen dodelijker. De analisten berekenden dat deze verhoogde neuzen tegen 2040 kunnen leiden tot een toename van 40 procent in het aantal fatale ongevallen met jonge voetgangers.
Het stroomnet zwaar onder hoogspanning
De toegenomen massa van de moderne auto's levert bovendien een enorm energieprobleem op. Grote en zware auto's zijn aanzienlijk minder efficiënt en vereisen een grote hoeveelheid extra energie om in beweging te komen. Dit geldt in het bijzonder voor de nieuwe generatie forse elektrische voertuigen. Met hun zware accupakketten belasten zij het toch al kwetsbare Europese stroomnet tot het uiterste.
Volgens de berekeningen in het rapport resulteert het doorzetten van de huidige groeicurve tegen 2040 in een jaarlijkse extra elektriciteitsbehoefte van 22,5 Terawattuur. Om aan deze specifieke extra stroomvraag te voldoen, zouden er in theorie 1.500 extra windturbines bijgebouwd moeten worden. Deze aanzienlijke inefficiëntie levert Europese huishoudens tevens voor miljarden euro's aan extra laadkosten op.
Een roep om keiharde maximumgrenzen
Geconfronteerd met deze stevige conclusies eist Transport & Environment dat beleidsmakers op korte termijn ingrijpen. De organisatie wil dat de Europese Unie vaste maximumgrenzen instelt voor nieuwe ontwerpen. Een motorkap mag volgens de rapporteurs niet hoger zijn dan 85 centimeter en de voertuigbreedte moet wettelijk worden beperkt tot maximaal 192 centimeter.
Daarnaast adviseren ze nationale overheden en gemeenten om het bezit van deze grote voertuigen financieel te ontmoedigen. Het lokaal variëren van parkeertarieven en autobelastingen op basis van de daadwerkelijke fysieke afmetingen moet consumenten aanzetten om een compacter model aan te schaffen. Zonder dit soort politieke maatregelen lijkt het erop dat de Europese wegen voorlopig krapper en gevaarlijker worden.