Elektrisch

De elektrische auto leek hét wapen tegen fijnstof, tot onderzoekers deze rekensom maakten

Wie schone stadslucht wil, koopt een elektrische auto. Zo klinkt het recept al jaren, en helemaal onwaar is het niet. Maar onderzoekers die voor Londen alle scenario's doorrekenden, kwamen uit bij een maatregel die tot vijf keer meer oplevert. En die staat niet in de showroom.

Nick ter Arkel
3 minuten
milieuzone
EU-regels
SUV
Links een rij stilstaande auto's en recht een lijnbus die langs de file rijdt

De cijfers komen uit een nieuwe studie van EIT Urban Mobility, uitgevoerd door onderzoeksbureau e:misia in opdracht van onder meer Transport for London. De onderzoekers stellen eerst vast waar het fijnstof uit verkeer tegenwoordig eigenlijk vandaan komt, en dat is al lang niet meer vooral de uitlaat: in Londen komt inmiddels 88 procent van het fijnstof uit wegverkeer van remmen, banden en wegdek.

Die verschuiving verandert de hele discussie. Katalysatoren, roetfilters en elektrificatie hebben de uitlaat zo schoon gemaakt dat het restant vanzelf verdwijnt; tegen 2050 is de uitlaat volgens de studie nog goed voor circa één procent van het fijnstof uit verkeer. Wat overblijft, is slijtage. En daar heeft een elektromotor maar deels een antwoord op.

Wat elektrisch rijden wél oplost, en wat niet

Op twee fronten scoort de elektrische auto onmiskenbaar: de uitlaat verdwijnt volledig en dankzij regeneratief remmen daalt de remstof met tot 83 procent. Daar staat tegenover dat een EV zo'n twintig procent zwaarder is en daardoor circa twintig procent meer banden- en wegdekslijtage veroorzaakt. Per saldo blijft elektrisch volgens de onderzoekers gunstig voor de luchtkwaliteit, zeker in de stad.

Maar hier zit de angel: die winst is grotendeels al ingeboekt. In het basisscenario van de studie is in 2050 sowieso 86 procent van de personenauto's elektrisch. Nóg sneller elektrificeren, naar 100 procent, levert bovenop die autonome groei relatief weinig extra op, juist omdat banden en wegdek dan de dominante bronnen zijn. Tegen die tijd komt bijna tachtig procent van het fijnstof uit verkeer daarvandaan.

De rekensom: tot vijf keer meer schone lucht

De onderzoekers rekenden vervolgens twee beleidsroutes door tot 2050. Route één: versnelde elektrificatie van het complete wagenpark. Route twee: het Londense mobiliteitsplan uitvoeren, met een derde minder autokilometers in 2041 en een kwart meer buskilometers, ten gunste van ov, fietsen en lopen.

De uitkomst is opvallend eenzijdig. Versnelde elektrificatie scheelt tot 2050 zo'n 1.200 ton fijnstof (PM10), goed voor 194 miljoen euro aan becijferde gezondheidswinst. Minder autokilometers schelen 5.548 ton en 768 miljoen euro. In de woorden van de studie: gedragsverandering levert tot vijf keer meer fijnstofreductie op dan versnelde elektrificatie alleen. Wie beide combineert, komt uit op 951 miljoen euro.

Waarom je deze cijfers niet blind moet overnemen

Bij zulke uitgesproken conclusies hoort context, en die is er. De opdrachtgevers, EIT Urban Mobility, Transport for London en de Greater London Authority, voeren zelf beleid rond milieuzones en ov-investeringen; de uitkomst past dus in hun straatje, en dat mag je meewegen. Belangrijker nog: de vergelijking gaat puur over slijtage-emissies. De grootste troeven van de elektrische auto, geen uitlaatgassen en geen CO2 uit de uitlaat, tellen in deze rekensom bewust niet mee.

Bovendien becijferden de onderzoekers van de gedragsroute alleen de baten. Wat het kóst om een derde van de autokilometers naar bus, trein en fiets te verplaatsen, aan infrastructuur, exploitatie en politiek kapitaal, kon de studie naar eigen zeggen niet betrouwbaar ramen. De vijf-keer-claim is dus een batenvergelijking, geen kosten-batenanalyse. De studie blijft elektrificatie dan ook expliciet aanmoedigen; de boodschap is niet óf-óf, maar dat techniek alleen het niet redt.

"Alleen een gecoördineerde aanpak, met regelgeving, innovatie en gedragsverandering, is effectief tegen deze onderschatte vorm van vervuiling. Steden hebben de kans om het verschil te maken."

Yoann Le Petit, Thought Leadership Manager EIT Urban Mobility

De vraag is niet welke auto, maar welke rit

Voor beleidsmakers vertaalt de studie dit in concrete adviezen: milieuzones uitbreiden richting slijtage-emissies, lagere snelheden, wegen beter onderhouden en zware brandstofauto's zwaarder belasten. Parijs verdrievoudigde al het parkeertarief voor SUV's, geen klein doelwit nu SUV's 54 procent van de Europese verkoop uitmaken en nieuwe auto's in twintig jaar 21 procent zwaarder werden.

Vanaf november 2026 stelt Euro 7 bovendien voor het eerst limieten aan remstof, al geldt dat alleen voor nieuwe auto's en duurt het vol effect volgens de studie decennia. Voor de automobilist is de conclusie nuchterder dan de kop van menig beleidsrapport. De auto verdwijnt niet, en de elektrische auto blijft de schonere keuze.

Maar wie werkelijk schone stadslucht wil, moet volgens deze rekensom vooral naar iets anders kijken dan de aandrijflijn: naar het aantal kilometers zelf. En dat is een boodschap die geen enkele autofabrikant in een reclame zal stoppen.