Maar wie door de cijfers heen kijkt, ziet vooral een nuchtere realitycheck. Dit is een van de extreemste Dodge-modellen ooit, gebouwd als afscheid van het Hemi-tijdperk in de Challenger. Toch laat deze verkoop zien dat zelfs 1.025 pk, 'Last Call'-status en vrijwel nieuwstaat geen garantie zijn op snelle winst.
Wat is de Dodge Demon 170?
Dodge introduceerde de Challenger SRT Demon 170 als het absolute sluitstuk van het 'Last Call'-programma. Daarmee nam het merk afscheid van de Hemi-aangedreven Challenger en Charger in hun vertrouwde vorm. De Demon 170 was geen gewone speciale editie, maar de luidste laatste klap die Dodge kon uitdelen.
Onder de lange motorkap ligt een zwaar herziene 6,2-liter Hemi V8 met compressor. Op E85-brandstof levert die motor volgens Dodge 1.025 pk en 1.281 Nm koppel. Op gewone E10-benzine blijft daar nog altijd 900 pk van over. De sprint naar 60 mph, omgerekend 96,6 km/u, duurt volgens Dodge 1,66 seconden. De kwartmijl doet hij in 8,91 seconden. Zo snel dat Dodge er zelf een NHRA-violation letter bij vermeldde: zonder extra veiligheidsuitrusting, zoals een kooi en parachute, mag zo’n auto niet zomaar de dragstrip op.
Bijna nieuw, maar geen gouden handel
Het verkochte exemplaar is nummer 215 van de gelimiteerde serie van maximaal 3.300 auto’s. De Dodge is uitgevoerd in Destroyer Gray en heeft een interieur met zwart Alcantara en Laguna-leer. Op de teller stond slechts 71 mijl, omgerekend 114 kilometer.
De duurste optie op de sticker was de set koolstofvezel wielen van Lacks Enterprises. Die kostte 11.495 dollar. Mede daardoor kwam de totale window sticker uit op 132.541 dollar, terwijl de basisprijs van de Demon 170 destijds 96.666 dollar bedroeg. De verkoopprijs op Bring a Trailer: 134.000 dollar.
De rekensom is dus bijna pijnlijk. Tegenover de stickerprijs blijft bruto 1.459 dollar over. En dan zijn inflatie, verzekering, opslag, transport en eventuele veilingkosten nog niet eens meegerekend. Zelfs als de eerste eigenaar de auto zonder dealeropslag kocht, bleef er onder de streep waarschijnlijk weinig tot niets over.
De speculatie rond de Demon 170 is nuchterder geworden
Dat is opvallend, want rond de introductie van de Demon 170 was de hype enorm. Dodge bouwde een auto die precies alle verzamelknoppen indrukte: extreem vermogen, beperkte oplage, het einde van een tijdperk en een naam die al door de eerdere Demon mythisch was geworden.
Juist daardoor ontstond ook speculatie. Sommige kopers zagen de Demon 170 niet als auto om mee te rijden, maar als verpakte toekomstwaarde. De lage kilometerstand van dit exemplaar zegt genoeg: 114 kilometer is nauwelijks gebruik, eerder een manier om de auto verkoopbaar en zo origineel mogelijk te houden.
Toch laat deze verkoop zien dat de markt een stuk nuchterder is geworden. De Demon 170 houdt zijn waarde goed vast, maar dat is iets anders dan snel rijk worden. Veel van de verzamelwaarde zat vanaf dag één al in de nieuwprijs, de beperkte beschikbaarheid en de dealeropslagen die in de eerste hype werden gevraagd.
Het einde van een brute traditie
Daarmee is de Demon 170 niet ineens minder bijzonder. Integendeel. Hij markeert het einde van een herkenbaar Amerikaans recept: een grote coupé, achterwielaandrijving, een enorme V8 met compressor en prestaties die eerder bij een dragstripauto dan bij een straatmodel lijken te horen.
Eind 2023 stopte de productie van de Challenger en Charger in deze vorm. Dodge heeft inmiddels een nieuwe Charger gepresenteerd, met de elektrische Daytona als opvallendste uithangbord. Voor wie nog geen afscheid wil nemen van brandstof, komt er ook een Charger Sixpack met 3,0-liter zescilinder biturbo. Maar de Hemi-V8 is in deze nieuwe generatie voorlopig niet teruggekeerd.
Daarom blijft de Demon 170 historisch interessant. Niet omdat hij zijn eerste eigenaar meteen een grote winst oplevert, maar omdat hij het eindpunt vormt van een tijdperk waarin Dodge zijn imago bouwde rond lawaai, overdaad en bijna absurde vermogenscijfers.
Voor Europa wordt het nog ingewikkelder
Voor Nederlandse en Vlaamse verzamelaars is zo’n Demon 170 bovendien geen eenvoudige aankoop. De auto werd niet officieel voor Europa geleverd. Wie er een hier op kenteken wil krijgen, is aangewezen op individuele import en homologatie.
Daar komen transport, invoerrechten, btw, aanpassingen, keuring en in Nederland mogelijk een stevige bpm-rekening bij. Een Amerikaanse verkoopprijs van 134.000 dollar is dus niet het bedrag waarvoor zo’n auto hier uiteindelijk op de oprit staat. Juist daardoor wordt kortetermijnspeculatie in Europa nog lastiger: de instapkosten liggen veel hoger en de kring van potentiële kopers is kleiner.
De les voor verzamelaars
Deze verkoop laat vooral zien dat moderne verzamelklassiekers geen automatische geldmachines zijn. Fabrikanten weten inmiddels precies hoe ze een afscheidsmodel moeten bouwen: veel vermogen, een beperkte oplage, een sterk verhaal en een naam die verzamelaars wakker maakt. Maar juist daardoor is de toekomstige waarde vaak al deels ingeprijsd.
De Dodge Challenger SRT Demon 170 blijft een monument voor het V8-tijdperk. Hij is zeldzaam, extreem en nu al onderdeel van de Amerikaanse muscle-car-geschiedenis. Alleen bewijst deze verkoop dat zelfs zo’n auto zijn eigenaar niet vanzelf rijk maakt.
Wie hem koopt om twintig jaar te bewaren, koopt misschien een toekomstig icoon. Wie hem koopt voor snelle winst, krijgt voorlopig vooral een les in realisme: 1.025 pk is indrukwekkend, maar geen garantie op rendement.