De grootste verrassing zit alleen niet in de naam bovenaan. De lijst vergelijkt afzonderlijke merken, terwijl verschillende logo’s onder hetzelfde concern vallen. Daardoor oogt Volkswagen kleiner dan het werkelijk is en verandert de volgorde zodra je de concernmerken samenneemt.
De onverwachte koploper blijkt Tesla
Volgens cijfers die Handelsblatt via het Duitse milieuministerie kreeg, waren eind juni 2.086 subsidieaanvragen voor Tesla goedgekeurd. Škoda volgt met 1.197 auto’s, Renault met 784 en Cupra en Seat samen met 712. Daarna komen Hyundai met 637, Kia met 627 en het Chinese Leapmotor met 613 aanvragen.
Het merk Volkswagen staat met 593 goedgekeurde aanvragen pas op de achtste plaats. BYD volgt met 544 en BMW met 451. Mercedes komt in de gepubliceerde top veertien niet voor. Belangrijk is wel dat het om goedgekeurde subsidieaanvragen gaat, niet om alle verkochte of geregistreerde auto’s.
Drie Volkswagen-merken draaien de uitslag om
Škoda, Cupra en Seat en Volkswagen komen samen al op 2.502 goedgekeurde aanvragen. Dat zijn er 416 meer dan Tesla. Audi, Porsche en andere concernmerken die niet in de top veertien staan, zijn in die optelsom nog niet eens meegenomen.
De pijnlijke achtste plaats van Volkswagen zegt dus vooral iets over het afzonderlijke VW-logo. Op concernniveau staat Volkswagen Group volgens Handelsblatt juist bovenaan. De politieke onrust verdwijnt daarmee niet, maar de merkvergelijking laat de Duitse auto-industrie wel kleiner lijken dan zij op concernniveau is.
De Amerikaanse winnaar bouwt ook in Brandenburg
Ook het etiket ‘Amerikaanse auto’ is minder eenvoudig dan het lijkt. Tesla is een Amerikaans concern, maar produceert de Model Y voor Europa in zijn fabriek in Grünheide. Tesla noemt de locatie zelf zijn eerste Europese productiefabriek en bouwt er jaarlijks honderdduizenden Model Y’s.
In Grünheide wordt de Model Y voor de Europese markt geproduceerd.
De subsidiecijfers zijn alleen per merk uitgesplitst. Daardoor weten we niet hoeveel van de 2.086 Tesla’s uit Brandenburg kwamen en hoeveel elders zijn gebouwd. Stellen dat het Duitse belastinggeld rechtstreeks fabrieken in Austin laat draaien, gaat dus te ver. Bovendien ontvangt niet Tesla de premie, maar de particuliere koper of leaserijder.
De premie kiest geen vlag, maar een koper
De nieuwe Duitse E-autopremie is sociaal opgebouwd. Afhankelijk van de aandrijving, het huishoudinkomen en het aantal kinderen bedraagt de steun tussen 1.500 en 6.000 euro. Voor een volledig elektrische auto begint de premie bij 3.000 euro. De algemene inkomensgrens bedraagt 80.000 euro belastbaar huishoudinkomen en kan voor gezinnen met kinderen oplopen tot 90.000 euro.
Dat kan mede verklaren waarom Duitse premiummerken laag eindigen. De regeling geldt alleen voor particuliere huishoudens, waardoor zakelijke registraties volledig buiten deze ranglijst blijven. De lage positie van BMW en het ontbreken van Mercedes zeggen daarom niet automatisch dat Duitsers hun elektrische modellen links laten liggen. Deze ranglijst meet alleen wie binnen deze specifieke subsidieregeling al een goedgekeurde aanvraag heeft.
Na 1,8 procent is de finish nog ver weg
Tot eind juni was 53,9 miljoen euro uitgekeerd. Dat is ongeveer 1,8 procent van de drie miljard euro die Duitsland tot en met 2029 heeft gereserveerd. Aanvragen zijn bovendien pas sinds 19 mei mogelijk, al geldt de regeling met terugwerkende kracht voor auto’s die vanaf 1 januari 2026 nieuw zijn geregistreerd.
Het Duitse milieuministerie benadrukt dat de volgorde nog sterk kan veranderen. Goedkopere modellen van Duitse fabrikanten moeten deels nog verschijnen of worden uitgeleverd. Goedkopere modellen van Duitse fabrikanten moeten deels nog verschijnen of worden uitgeleverd. Tegelijk ligt in Brussel de Industrial Accelerator Act op tafel, waarmee Europese productie later mogelijk zwaarder kan meewegen bij steunregelingen.
Voorlopig voert Tesla de ranglijst van afzonderlijke logo’s aan. Maar wie concerns, productielanden en kopers uit elkaar trekt, ziet een minder eenvoudig verhaal. Duitsland subsidieert niet simpelweg Elon Musk, maar ondersteunt particuliere kopers en leaserijders. Zonder merkvoorkeur bepaalt uiteindelijk de markt welk logo bovenaan staat.