De Franse gezinsvader Yacine Yataghene kocht online een elektrische fiets van een Chinees merk voor zijn vrouw en zoon. Strak design, onverslaanbare prijs: 900 euro. Na negen maanden viel de fiets stil, en bij inspectie bleken meerdere onderdelen simpelweg doorgebrand. "Als er iets ernstigers gebeurt, loopt mijn gezin gevaar. Ik ben teleurgesteld", vertelde hij aan de Franse publieke omroep FranceInfo, die het fenomeen onderzocht.
Zijn fiets is geen pechgeval, maar onderdeel van een patroon. Volgens de reportage worden alleen al in Frankrijk elk jaar ongeveer 40.000 niet-gehomologeerde elektrische fietsen verkocht, vrijwel allemaal online, van ruim honderd merken die vaak even snel verdwijnen als ze opdoken.
Eén kapot onderdeel en het is schroot
Het grootste probleem openbaart zich pas na de aankoop. Anne-Marie Laarhuis, die een Frans fietsherstelatelier runt, ziet de goedkope online-fietsen geregeld op de brug:
"Vaak zijn de onderdelen nergens te krijgen. Zodra er één stuk gaat, kan de hele fiets weg. Dat is het nadeel van goedkoop."
Het mechanisme erachter is simpel. De anonieme webshopmerken bestaan vaak maar kort; tegen de tijd dat jouw motor, sensor of controller stuk gaat, is er geen leverancier meer die het onderdeel kan leveren. De fiets is dan technisch gezien een wegwerpproduct geweest, alleen wist je dat bij aankoop niet.
Waarom de fietsenmaker je wegstuurt
Wie dan met zijn haperende koopje naar een gewone fietsenwinkel stapt, wacht een tweede verrassing: steeds meer professionele herstellers weigeren eraan te werken. Niet uit rancune, maar uit zelfbescherming. Axel Kowalczyk van de Franse fietswinkelketen Cyclable legde bij FranceInfo uit dat verzekeraars zich bij een ongeluk verhalen op de laatste hersteller. Wie aan een niet-gehomologeerde fiets sleutelt, kan dus aansprakelijk worden voor wat er daarna mee gebeurt. Voor een fietsenmaker is dat een onaanvaardbaar risico.
Patrick Guinard, vicevoorzitter van de Franse branchevereniging voor fietsbedrijven, vat deze categorie samen met een woord dat blijft hangen: een nepfiets. De risico's zijn volgens hem drieledig: hij werkt niet of slecht, de accu kan in brand vliegen, en wie een ongeluk krijgt, blijkt onverzekerd rond te rijden.
Ook in Nederland ben je dan illegaal bezig
Dat laatste geldt in Nederland precies zo. De Europese regels zijn helder: een e-bike mag maximaal 250 watt ondersteunen en de hulp moet stoppen boven 25 kilometer per uur. Alles daarboven is juridisch geen fiets meer, maar een bromfiets of speed pedelec, met kenteken-, verzekerings- en helmplicht. Veel anonieme webshopmodellen zitten daar ruim boven zonder dat de verkooppagina dat duidelijk vermeldt.
Wie zo'n fiets op de openbare weg gebruikt, rijdt dus zonder het te weten onverzekerd en strafbaar rond, dezelfde val die veel kopers van opgevoerde fatbikes al leerden kennen. Let daarbij op één keurmerk: de Europese norm EN 15194 voor elektrische fietsen, plus een echte CE-markering die vermogen, snelheid en accu dekt. Ontbreekt die informatie op de productpagina, dan weet je eigenlijk al genoeg.
De wrangste les: 'Europees geassembleerd' redt je ook niet altijd
De reportage bevat nog een ongemakkelijke twist. Het Franse echtpaar Dalmeyda dacht het slim te doen: drie middenklasse e-bikes, in Frankrijk geassembleerd, gewoon in de winkel gekocht. Alle drie vielen ze uit met exact hetzelfde euvel, een defecte Chinese motor, met een rekening van 429 euro per vervanging.
Hun fietsen waren tenminste nog te repareren, omdat de winkel en de onderdelen bestonden. Maar de les is breder: waar de fiets is geschroefd, zegt weinig over wat erin zit. Het verschil tussen een koopje en een miskoop is niet het land van herkomst, maar of er over een paar jaar nog iemand bereikbaar is die onderdelen levert en garantie geeft.
De echte prijs zie je pas na drie jaar
De verleiding van de goedkope online e-bike is begrijpelijk, zeker met winkelmodellen die al snel richting de 2.000 euro lopen. Maar de rekensom hoort anders: tel bij de aankoopprijs de kans op een onvervangbaar onderdeel, een accu zonder certificering en een verzekering die bij schade niet thuis geeft.
Een fiets van 900 euro die na twee jaar bij het grofvuil staat, en waarvan de lithiumaccu dan ook nog als chemisch afval apart moet worden ingeleverd, is duurder dan hij oogde in de webshop. Het echte koopje is nooit de laagste prijs op de kassabon, maar de fiets waarvoor over vijf jaar nog iemand de telefoon opneemt.