Bison Futé heeft zaterdag 1 augustus zwart gekleurd voor vertrekkend verkeer in Frankrijk. De verkeersdienst verwacht vanaf de vroege ochtend zeer zware drukte op vrijwel alle belangrijke vakantieroutes. In Nederland geldt sinds 29 juli bovendien het Nationaal Hitteplan voor Limburg, Noord-Brabant, Gelderland en Overijssel.
Dat is een vervelende combinatie. In langzaam rijdend verkeer duurt de rit langer, terwijl bestuurders die vroeg zijn vertrokken vaak al minder hebben geslapen. Warmte, urenlang dezelfde snelweg, files en te weinig drinken kunnen elkaar daardoor versterken.
Het commerciële verkoopplatform OSW vroeg Arie Vroege, vicevoorzitter van de Vereniging Rijschool Belang, naar dat risico. Hij waarschuwt dat concentratie en alertheid geleidelijk kunnen afnemen. OSW deed zelf geen onderzoek, maar zijn praktijkobservaties sluiten aan bij een nieuwe wetenschappelijke analyse die vorige week verscheen.
Nieuw onderzoek vindt één duidelijke zwakke plek
Voor de nieuwe systematische review in het wetenschappelijke vakblad Human Factors werden zeven experimentele onderzoeken met samen ongeveer 207 deelnemers bekeken. De onderzoekers analyseerden onder meer reactietijd, koers houden, snelheidsbeheersing, het opmerken van signalen en verkeersovertredingen.
Slechts voor één onderdeel was genoeg vergelijkbaar onderzoek beschikbaar voor een stevige analyse: de reactietijd. De uitkomst wijst er met redelijke zekerheid op dat blootstelling aan warmte bestuurders langzamer laat reageren.
Voor afdwalen binnen de rijstrook, snelheid, verkeerssignalen en overtredingen waren de resultaten te beperkt of te tegenstrijdig om een harde conclusie te trekken. De wetenschap ondersteunt dus niet dat iedere bestuurder in een warme auto onmiddellijk gevaarlijk gaat slingeren. Wel wordt het lastiger om snel te reageren wanneer er plotseling wordt geremd of iemand voor je van rijstrook wisselt.
De vergelijking met alcohol ligt anders dan je denkt
In het persbericht van OSW wordt de invloed van hitte vergeleken met rijden onder invloed van alcohol. Dat klinkt spectaculair, maar die vergelijking komt waarschijnlijk niet uit onderzoek naar een simpelweg warme auto. De bekendste studie hierover draaide om milde uitdroging tijdens een monotone rit.
Elf gezonde jonge mannen reden twee keer 120 minuten in een simulator. De ene keer dronken zij normaal, de andere keer kregen zij slechts een kwart van de gebruikelijke hoeveelheid vocht. Aan het begin van de tweede rit hadden zij gemiddeld 1,1 procent van hun lichaamsgewicht aan vocht verloren.
Tijdens de goed gehydrateerde rit registreerden de onderzoekers gemiddeld 47 kleine rijfouten. Bij milde uitdroging waren dat er 101. Het ging vooral om afdwalen binnen de rijstrook en te laat remmen. De omvang van de achteruitgang werd vergeleken met resultaten uit eerdere onderzoeken naar alcoholgebruik en slaaptekort.
Dat is geen bewijs dat een warme vakantierit hetzelfde is als dronken rijden. De proef had slechts elf deelnemers, uitsluitend jonge mannen, en vond plaats in een simulator. De deelnemers kregen bovendien niet in hetzelfde onderzoek alcohol toegediend. De studie laat vooral zien dat een relatief klein vochttekort tijdens een lange, saaie rit meer invloed kan hebben dan de bestuurder verwacht.
De airco helpt wel degelijk
Een werkende airco is geen zinloos comfortartikel. Een koelere cabine vermindert de directe warmtebelasting en helpt voorkomen dat de bestuurder slaperig wordt. De ANWB adviseert om bij een bloedhete auto eerst de warme lucht via de ramen te laten ontsnappen en daarna de airco te gebruiken.
De airco lost alleen niet alles op. Hij maakt een korte nacht niet ongedaan, verkort de file niet en vult verloren vocht niet aan. Ook in een aangenaam gekoelde auto kan iemand na enkele uren minder alert worden.
Daarom is de uitspraak dat hitte ook met airco gevaarlijk blijft slechts gedeeltelijk juist. Een goede airco verkleint het warmteprobleem. De bestuurder moet daarnaast zelf iets doen aan vermoeidheid, uitdroging en een te lange rijtijd.
Deze signalen betekenen dat je moet stoppen
Vroege noemt in het interview met OSW drie veranderingen die onderweg als waarschuwing kunnen dienen: opvallend vaak knipperen, steeds meer kleine koerscorrecties maken en verkeerssituaties later opmerken dan normaal.
"Wanneer je merkt dat je vaker met je ogen moet knipperen om scherp te blijven zien, meer koerscorrecties maakt of situaties later opmerkt dan normaal, ben je eigenlijk al te laat. Dan is je reactievermogen al verminderd."
“Al te laat” is hier geen exact medisch omslagpunt. Het is een praktische waarschuwing dat je niet moet wachten tot je ogen dichtvallen. Minder goed herinneren wat er de afgelopen kilometers gebeurde, moeite hebben met een constante koers of een gemiste afslag zijn voldoende redenen om de eerstvolgende veilige rustplaats te nemen.
De ANWB adviseert bij lange ritten na ongeveer twee uur een kwartier te pauzeren. Bij warm weer kan een stop na anderhalf tot twee uur verstandiger zijn. Wie werkelijk slaperig is, heeft meer aan een korte slaap van maximaal een half uur dan aan harde muziek, een open raam of alleen een kop koffie.
De slimste route plant ook stilstand
Een waterfles in de auto is geen vrijbrief om urenlang door te rijden. Drink regelmatig, maar gebruik de noodzakelijke toiletstop juist als reden om te bewegen en van bestuurder te wisselen. Wacht niet tot dorst, hoofdpijn of concentratieproblemen duidelijk aanwezig zijn.
Plan rustplaatsen daarom tegelijk met de route. Dat voelt op papier langzamer, maar voorkomt dat je pas stopt wanneer je rijgedrag al is veranderd. Op een hete autovakantie is een kwartier stilstand geen verloren tijd. Het kan het verschil zijn tussen ontspannen aankomen en de laatste honderden kilometers op automatische piloot afleggen.