Fordin werkt als stoelenmaker en houtbewerker bij de Chaiserie landaise in Peyrehorade, in het zuidwesten van Frankrijk. In de zomer van 2025 kocht hij een Renault 6 TL uit 1979. De auto kostte 500 euro en vormde vooral de technische basis voor zijn veel grotere plan.
Hij verwijderde de carrosserie en behield het oorspronkelijke chassis en de motor. Het plaatwerk gebruikte hij als voorbeeld voor een nieuwe buitenkant van eikenhout. Daarmee is dit geen auto die letterlijk volledig uit hout bestaat. Wielen, ruiten, verlichting, aandrijflijn en onderstel blijven gewone auto-onderdelen. De carrosserie en tal van zichtbare details worden wel opnieuw in hout gemaakt.
De regionale omroep France 3 Nouvelle-Aquitaine bracht het project in beeld. Op de foto’s en video is inmiddels een duidelijk herkenbare Renault 6 te zien, compleet met houten portieren, grille, bumpers, spiegels en Renault-logo.
Waarom het geen Renault 4 of Renault 5 werd
De keuze voor een Renault 6 was bewust. Fordin zocht juist een model dat minder voor de hand lag dan de Renault 4 of Renault 5. De vijfdeurs Renault was in de jaren zeventig een gewone gezinsauto, maar is tegenwoordig veel minder prominent aanwezig op klassieke bijeenkomsten.
Renault introduceerde de 6 in 1968 als een praktisch model dat technisch nauw verwant was aan de Renault 4, maar meer comfort moest bieden. De TL verscheen in 1970 met een viercilinder van 1.108 cc en 47 pk. Uiteindelijk werden meer dan 1,7 miljoen exemplaren gebouwd.
Voor Fordin telde de zeldzaamheid van het model zwaarder dan eenvoudige vormen. Juist de rondingen bleken hem veel werk te bezorgen. Hij gebruikte de originele carrosserie als maatstaf en maakte mallen om de lijnen zo nauwkeurig mogelijk in eikenhout terug te brengen.
Zijn vader dacht aanvankelijk dat hij gek was
Het project ontstond niet tijdens gewone werkdagen. Fordin werkte eraan tijdens avonden, weekenden, vakanties en feestdagen. In een interview vertelde hij zelfs dat hij met Kerstmis in de werkplaats stond.
Zijn vader kent het houtbewerkingsvak eveneens, maar zag aanvankelijk weinig heil in het plan. Dat veranderde toen de Renault langzaam vorm begon te krijgen.
"In het begin dacht mijn vader dat ik gek was. Maar hij kent het vak ook, is met pensioen en deed uiteindelijk toch mee."
Volgens Fordin zouden vader en zoon samen uiteindelijk bijna 2.000 arbeidsuren kunnen bereiken. Dat was in mei nog een verwachting, geen definitief geregistreerd eindtotaal. Het belangrijkste werk zat toen in het interieur, de mechanische afwerking en de beschermende laklaag.
Iedere ronding moet opnieuw worden uitgevonden
Een houten carrosserie is geen verzameling vlakke planken die op een chassis wordt geschroefd. De motorkap, wielkasten, dakrand en portieren moeten de verhoudingen van het oorspronkelijke model volgen. Volgens Fordin was het reconstrueren van die rondingen het lastigste deel van het werk.
Ook het interieur bleef niet ongemoeid. Het stuur, het dashboard en zelfs kleine details zoals de buitenspiegels en het ruitvormige Renault-logo werden in hout nagemaakt. Fordin accepteerde daarbij bewust knoesten en andere onvolkomenheden. Het moest zichtbaar blijven dat de carrosserie van een levend materiaal was gemaakt, niet van kunststof met een houtprint.
De Chaiserie landaise stelde de werkplaats beschikbaar en leverde het hout. Zonder die hulp was een project van deze omvang voor iemand met een gewone baan nauwelijks uitvoerbaar geweest.
Een houten 2CV wees de weg
Fordin kwam op het idee door Michel Robillard, een Franse meubelmaker die vijf jaar en ongeveer 5.000 uur besteedde aan een Citroën 2CV met een carrosserie van verschillende houtsoorten.
Die 2CV behield eveneens een conventioneel chassis en een benzinemotor. Voor de carrosserie gebruikte Robillard onder meer noten-, peren-, appel- en kersenhout. In 2023 werd de auto geveild. Het hoogste bod bedroeg 170.000 euro, waarna de koper inclusief veilingkosten 210.000 euro betaalde.
Dat bedrag zegt niets over de toekomstige waarde van Fordins Renault. Zijn project is niet te koop aangeboden en hij heeft geen prijs genoemd. Het bewijst wel dat een houten auto voor verzamelaars veel meer kan zijn dan een technisch curiosum.
Hij kan rijden, maar de weg blijft buiten bereik
Fordin bouwt geen stilstaand schaalmodel. Het oorspronkelijke chassis en de motor bleven behouden, waardoor de Renault zich op eigen kracht moet kunnen verplaatsen. Normaal deelnemen aan het verkeer is iets anders.
De maker verwacht dat de ingrijpend aangepaste auto niet door de Franse technische keuring komt. Hij ziet hem daarom vooral als voertuig voor demonstraties, beurzen en tentoonstellingen. Die uitspraak geldt voor zijn eigen project en is geen algemene juridische regel voor iedere auto met houten carrosseriedelen.
De laatste betrouwbare openbare stand die wij konden verifiëren dateert uit mei 2026. Fordin wilde de mechanische afwerking en het lakwerk voor augustus afronden. Een openbare bevestiging dat de Renault inmiddels volledig gereed is en zijn eerste demonstratierit heeft gemaakt, hebben we nog niet gevonden.
Maar zelfs zonder die laatste rit is het belangrijkste al zichtbaar. Voor 500 euro kocht Fordin geen waardevolle klassieker, maar een vorm, een chassis en een motor. De rest bouwde hij opnieuw, samen met de vader die aanvankelijk dacht dat het nooit iets kon worden.