Auto-industrie

Jarenlang noemden de Groenen 2035 een motorverbod, nu erkent hun voorzitter dat dit een fout was

Jarenlang werd 2035 verkocht als het einde van de nieuwe benzine- en dieselauto. Nu erkent de voorzitter van de Duitse Groenen dat haar partij daar zelf een misleidend etiket op plakte. Alleen blijkt haar nieuwe uitleg evenmin volledig overeen te komen met wat er nu in de Europese wet staat.

Nick ter Arkel
4 minuten
Verbod op verbrandingsmotoren
EU-regels
Duitse auto-industrie
Franziska Brantner naast een rijdende Volkswagen Golf in een montage over de Europese regels voor 2035

Franziska Brantner, co-voorzitter van Bündnis 90/Die Grünen, deed haar opmerkelijke uitspraak in een twistgesprek met econoom Lars Feld in het Duitse Handelsblatt. De twee spraken over marktwerking, industriebeleid en de vraag hoever een overheid mag gaan om de economie een bepaalde richting op te sturen.

"Wij Groenen hebben misschien de fout gemaakt het als verbrandingsmotorverbod te verkopen, terwijl het dat feitelijk niet is."

Franziska Brantner, co-voorzitter Bündnis 90/Die Grünen

Volgens Brantner spreekt de Europese regelgeving niet over een verbod op een motortechniek, maar over klimaatneutrale nieuwe auto’s vanaf 2035. Wie een verbrandingsmotor kan bouwen die aan dat doel voldoet, zou dat volgens haar vooral moeten doen.

Dat klinkt als een belangrijke correctie. Toch moeten daarvoor twee verschillende vragen uit elkaar worden gehouden. Heeft haar partij de maatregel werkelijk als motorverbod verkocht? En staat dat verbod inderdaad nergens in de wet?

De Groenen gebruikten het woord zelf

Over het eerste deel bestaat weinig twijfel. Op een officiële pagina waarop de Groenen de resultaten van de vorige Duitse regeringscoalitie opsommen, staat letterlijk de kop “Verbrenner-Aus ab 2035”. De partij koos dat woord dus niet alleen in interviews of campagnes, maar ook in haar eigen communicatie over bereikt beleid.

Zelfs nadat de Europese Commissie eind 2025 een versoepeling voorstelde, bleef de Duitse partij spreken over het zogeheten “Verbrenner-Aus”. Ook de Bondsdagfractie gebruikte die term in een publicatie waarin zij zich verzette tegen meer ruimte voor hybrides en reguliere verbrandingsmotoren na 2035.

Brantners erkenning is dus terecht. De Groenen hebben de term zelf nadrukkelijk gebruikt. Daarmee is alleen nog niet bewezen dat het label inhoudelijk volledig verkeerd was.

Geen motorverbod in de wet, wel vrijwel hetzelfde effect

De huidige Europese verordening verbiedt niet letterlijk de benzine- of dieselmotor. Er staat geen lijst met verboden motortechnieken in. De regel richt zich op autofabrikanten en hun gemiddelde CO₂-uitstoot bij nieuw geregistreerde personenauto’s en bestelwagens.

Vanaf 1 januari 2035 geldt volgens de huidige wet een reductiedoel van 100 procent ten opzichte van het referentieniveau van 2021. Dat komt neer op een Europees vlootgemiddelde van 0 gram CO₂ per kilometer voor nieuwe auto’s en bestelwagens.

Een gewone benzine- of dieselauto stoot tijdens het rijden altijd CO₂ uit. Voor reguliere autofabrikanten heeft de norm daarom praktisch hetzelfde gevolg als een verbod op de verkoop van nieuwe brandstofauto’s. Ook de Raad van de Europese Unie schrijft in zijn eigen uitleg dat nieuwe auto’s met verbrandingsmotor vanaf 2035 niet meer op de interne markt kunnen worden gebracht.

Brantner heeft dus juridisch gelijk dat de motor niet bij naam wordt verboden. Maar haar suggestie dat de huidige regeling daardoor feitelijk geen motorverbod is, gaat te ver.

Ook haar term “klimaatneutrale auto” is ruimer dan de wet. De bestaande norm kijkt vooral naar CO₂ aan de uitlaat. De volledige uitstoot van accuproductie, staal, elektriciteit en brandstof wordt daarmee niet als één levenscyclusberekening beoordeeld. Juridisch gaat het vanaf 2035 dus om nieuwe auto’s zonder CO₂-uitstoot tijdens het rijden, niet automatisch om een voertuig dat van fabriek tot sloop volledig klimaatneutraal is.

Brussel heeft de achterdeur nog niet geopend

Er ligt inmiddels wel een plan dat Brantners uitleg dichter bij de werkelijkheid kan brengen. De Europese Commissie stelde in december 2025 voor om het reductiedoel voor 2035 te verlagen van 100 naar 90 procent.

De resterende uitstoot zou door fabrikanten kunnen worden gecompenseerd met kredieten voor bepaalde e-fuels en biobrandstoffen en voor koolstofarm staal dat in de Europese Unie is geproduceerd. Daardoor zouden ook plug-inhybrides, range-extenders, mild hybrids en enkele auto’s met alleen een verbrandingsmotor na 2035 een rol kunnen houden.

Dat is alleen nog geen geldende wet. Eind juni waren de doelen voor 2030 en 2035, brandstofkredieten en andere uitzonderingen nog belangrijke twistpunten tussen de lidstaten. Ook in het Europees Parlement stond het voorstel nog aan het begin van de procedure. De huidige norm van 100 procent blijft daarom voorlopig van kracht.

Eén regel verklaart de Duitse autocrisis niet

Lars Feld stelt in het gesprek dat het Europese 2035-doel rechtstreeks samenhangt met de crisis in de Duitse auto-industrie. Dat is zijn economische beoordeling, geen bewezen enkelvoudige oorzaak.

De Deutsche Bundesbank noemt een veel bredere combinatie van problemen. Duitse bedrijven kampen onder meer met toenemende Chinese concurrentie, bureaucratie, hoge kosten, een tekort aan personeel en een moeizame omschakeling naar elektrisch rijden. Duitse auto-exporteurs verloren bovendien veel terrein in China, waar kopers steeds vaker voor binnenlandse merken kiezen.

De nieuwste handelscijfers maken die druk zichtbaar. De Duitse export van auto’s en auto-onderdelen naar China daalde in 2025 met 33 procent. In de eerste vijf maanden van 2026 volgde nog een daling van 26,1 procent ten opzichte van dezelfde periode een jaar eerder.

Het Europese beleid kan investeringsbeslissingen en kosten beïnvloeden, maar de problemen van Volkswagen, BMW en Mercedes uitsluitend aan 2035 toeschrijven zou de snelle opkomst van Chinese merken en de eigen strategische fouten van fabrikanten negeren.

Jouw huidige benzineauto verdwijnt niet in 2035

Voor automobilisten verandert er in 2035 minder abrupt dan de politieke woordenstrijd suggereert. De huidige regel gaat over nieuwe voertuigen die fabrikanten vanaf dat jaar registreren. Hij verbiedt niet dat bestaande benzine- en dieselauto’s blijven rijden.

Ook de handel in gebruikte brandstofauto’s blijft toegestaan. Een occasion met een benzine- of dieselmotor wordt in 2035 dus niet automatisch onverkoopbaar en je hoeft een auto die je al bezit niet in te leveren.

De term motorverbod was grover dan de juridische tekst. Maar doen alsof de huidige wet gewone nieuwe brandstofauto’s helemaal niet uitsluit, maakt dezelfde fout in de andere richting.

PRO SHOTS / Imago, Volkswagen AG