Volkswagen bevestigde in april dat de lokale productie van de ID.4 in Chattanooga is beëindigd. De fabriek in Tennessee moet zich voortaan sterker richten op modellen waar Amerikaanse klanten grotere aantallen van kopen, zoals de Volkswagen Atlas. De kosten van die omslag bedragen volgens het concern ongeveer 500 miljoen euro.
Dat is een flinke draai. Chattanooga werd enkele jaren geleden juist klaargestoomd als belangrijk onderdeel van Volkswagens elektrische offensief in de Verenigde Staten. In 2022 begon daar de lokale ID.4-productie. Nu staat die productielijn alweer stil.
De reden wordt duidelijk wanneer je de Amerikaanse verkoopcijfers naast Europa legt. Volkswagen Group leverde in de eerste helft van 2026 in de Verenigde Staten slechts 9.800 volledig elektrische auto's af. Een jaar eerder waren dat er nog 31.300. Dat is een daling van 68,8 procent. In Europa stegen de elektrische leveringen in dezelfde periode juist met 8,4 procent.
Nu duikt een Volkswagen-pick-up op
Daar krijgt de productiestop ineens een interessante opvolger. Volgens informatie van Handelsblatt onderzoekt Volkswagen of vanaf 2029 in Chattanooga een pick-up onder het eigen VW-logo kan worden gebouwd. Het zou nog niet vaststaan of Volkswagen de auto volledig zelf ontwikkelt of daarvoor een partner zoekt. Ford wordt door de krant genoemd als mogelijke samenwerkingspartner.
Belangrijk: Volkswagen heeft deze pick-up niet officieel aangekondigd. Het gaat om een scenario dat volgens Handelsblatt binnen het concern wordt bekeken. Ook een introductiedatum, techniek en naam zijn nog niet bevestigd.
Toch past het plan opvallend goed bij de nieuwe koers van de Amerikaanse fabriek. Volkswagen zegt zelf dat Chattanooga na de ID.4-stop meer op volumemodellen voor de lokale markt wordt gericht. Een grote pick-up zou nauwelijks verder verwijderd kunnen zijn van de Europese elektrische compacte modellen waarop VW hier juist zwaar inzet.
Volkswagen heeft al een Amerikaanse pick-up
Daar zit meteen een bijzondere complicatie. Volkswagen Group bouwt namelijk al aan een volledig aparte Amerikaanse truckstrategie.
Dochtermerk Scout heeft de Terra ontwikkeld, een forse pick-up die samen met de Traveler-SUV in South Carolina moet worden geproduceerd. De eerste productie staat momenteel gepland voor 2027 en Scout verwacht vanaf 2028 auto's aan klanten te leveren.
Een eventuele VW-pick-up uit Chattanooga zou dus niet hetzelfde project zijn. Volkswagen Group zou dan twee verschillende routes naar de Amerikaanse truckkoper hebben: Scout als uitgesproken Amerikaans merk en daarnaast mogelijk een pick-up met het bekende Volkswagen-logo.
Amerika krijgt meer macht binnen Volkswagen
Het productplan staat niet los van een grotere reorganisatie. Handelsblatt meldt dat Audi-verkoopdirecteur Marco Schubert het Noord-Amerikaanse concernbedrijf moet gaan leiden. Die mogelijke benoeming veroorzaakt vervolgens verschuivingen bij Audi, Volkswagen en Skoda. De personeelsbesluiten zijn volgens de krant nog niet definitief en Volkswagen wilde ze tegenover Handelsblatt niet bevestigen.
Belangrijker dan de namen is wat Volkswagen met de regio wil doen. Noord-Amerika moet volgens Handelsblatt binnen het concern meer gewicht krijgen, vergelijkbaar met de manier waarop China apart wordt aangestuurd. Volkswagen zegt zelf eveneens verantwoordelijkheden sterker bij regio's te willen leggen, zodat lokale beslissingen sneller kunnen worden genomen.
Dat past bij het probleem dat Wolfsburg probeert op te lossen. De totale verkopen in Noord-Amerika zijn niet ingestort. In de eerste helft van 2026 daalden de concernleveringen er 3,1 procent en in het tweede kwartaal was er zelfs een groei van 7,7 procent. Vooral elektrisch gaat het mis.
Amerika krijgt steeds minder Europese Volkswagens
Daarmee ontstaat een patroon. De ID.4 verdwijnt uit de lokale productie, de grote Atlas krijgt meer nadruk, Scout ontwikkelt een terrein-SUV en pick-up en nu kan volgens Handelsblatt ook Volkswagen zelf een Amerikaanse truck krijgen.
De koerswijziging betekent niet dat Volkswagen elektrische auto's opgeeft. In Europa groeit de elektrische orderportefeuille juist hard en investeert het merk volop in kleinere modellen zoals de ID. Polo. Het verschil is dat Wolfsburg steeds minder lijkt te verwachten dat één wereldwijde modellenstrategie overal hetzelfde resultaat oplevert.
In Chattanooga wordt dat verschil bijna tastbaar. De fabriek die enkele jaren geleden symbool stond voor Volkswagens elektrische Amerikaanse aanval, bouwt de ID.4 niet meer. Als het Handelsblatt-plan doorgaat, kan daar over enkele jaren juist een van de meest uitgesproken Amerikaanse autotypes van de band rollen. Voor Volkswagen betekent globalisering blijkbaar steeds vaker dat je lokaal iets totaal anders moet bouwen.