Onderweg

Onder veel Duitse verkeerslichten zit een tweede knop, maar die doet iets anders dan veel mensen denken

Onder veel Duitse voetgangerslichten zit aan de onderkant van het bekende gele kastje nog een tweede bediening. Volgens een hardnekkige mythe krijg je er sneller groen mee, maar de werkelijke functie is een stuk belangrijker.

Jesper Penninga
4 minuten
Stoplicht
De vlag van Duitsland Duitsland
Onder veel Duitse verkeerslichten zit een tweede knop, maar die doet iets anders dan veel mensen denken

Wie tijdens een autovakantie in Duitsland bij een voetgangerslicht staat, kent waarschijnlijk de gele kastjes aan de paal. Aan de voorkant zit de gewone drukknop waarmee een voetganger groen kan aanvragen. Maar een paar centimeter daaronder zit bij veel installaties nog een tweede bediening die gemakkelijk onopgemerkt blijft.

Over die knop doen al jaren verhalen de ronde. Zo zou je hem op een bepaalde manier of in een bepaalde volgorde moeten indrukken om het verkeerslicht sneller op groen te laten springen. Een handige geheime functie voor wie geen zin heeft om te wachten, zou je denken. Alleen klopt daar niets van.

De geheime knop geeft je geen sneller groen

Voor een voetganger zonder visuele beperking heeft de bediening aan de onderkant geen functie om de wachttijd te verkorten. De verkeersregeling wordt er niet ineens mee overruled en ook een speciale combinatie van drukken levert geen snellere groenfase op.

Het verhaal behoort daarmee tot dezelfde categorie verkeerslichtmythes als het idee dat tien keer fanatiek op de normale knop drukken meer effect heeft dan één keer. Dat maakt de tweede knop overigens niet nutteloos. Integendeel, hij is juist aangebracht voor mensen die het rode en groene voetgangerslicht niet of moeilijk kunnen zien.

De bediening maakt onderdeel uit van een systeem voor blinden en slechtzienden. Het doel is niet om sneller over te kunnen steken, maar om zelfstandig te kunnen bepalen waar de oversteek is en wanneer het veilig is om te beginnen.

De knop kan trillen zodra het groen wordt

Bij Duitse installaties kan de knop aan de onderkant gaan trillen wanneer het voetgangerslicht groen wordt. Er kan daarnaast een snel akoestisch signaal klinken. Afhankelijk van de installatie worden beide manieren gecombineerd.

Er bestaat ook een langzamer kloppend geluid. Dat signaal heeft een andere taak: een blinde of slechtziende voetganger helpen om de paal en het drukknopkastje überhaupt te vinden. Hoor je bij een Duits verkeerslicht dus een merkwaardig regelmatig klopgeluid, dan hoeft er niets defect te zijn.

Daarmee geeft het systeem informatie die een ziende voetganger automatisch uit het verkeerslicht haalt. Rood, groen en de locatie van de oversteek worden vertaald naar geluid en aanraking. Dat is een klein detail in de openbare ruimte, maar wel een belangrijk onderdeel van de verkeersveiligheid.

Zelfs de vorm onder de knop geeft informatie

Wie de bediening aan de onderkant goed bekijkt of voelt, ontdekt dat er meer in zit dan alleen een trillende knop. Er is vaak een voelbare pijl aanwezig die aangeeft in welke richting de straat moet worden overgestoken.

Op die pijl kunnen vervolgens aanvullende tekens zitten. Een halve bol kan aangeven dat er tijdens het oversteken een vluchtheuvel volgt. Een dwarskerf waarschuwt juist dat er tram- of treinrails in de oversteek liggen.

Voor iemand die goed kan zien zijn dat details die gemakkelijk volledig verdwijnen in het straatbeeld. Voor een voetganger met een visuele beperking vormen ze samen een soort eenvoudige voelbare routebeschrijving.

Daarom kan het ook gebeuren dat je iemand bij groen nog even met een hand onder het kastje ziet staan. Die persoon wacht niet op een geheime tweede groenfase, maar gebruikt informatie die voor de meeste andere verkeersdeelnemers onzichtbaar is.

In Nederland hoor je vooral de rateltikker

Nederland probeert hetzelfde probleem op een andere manier op te lossen. Hier kennen we vooral de rateltikker bij voetgangerslichten. Hier klinkt tijdens rood een langzaam tiksignaal en tijdens groen een veel sneller signaal. Vandaar de naam rateltikker.

CROW schrijft voor de akoestische signalering één tik per seconde bij rood en tien tikken per seconde bij groen voor. Tijdens knipperend groen volgt het geluid het knipperende licht. Op die manier kan iemand met een visuele beperking horen in welke fase het verkeerslicht zich bevindt.

De toepassing is in Nederland niet overal identiek. Wegbeheerders bepalen waar en hoe akoestische signalering wordt toegepast, terwijl geluid ook overlast voor omwonenden kan veroorzaken. Mede daarom zijn de landelijke aanbevelingen de afgelopen jaren aangescherpt.

Ook het Duitse idee van een voelbaar signaal is Nederland niet helemaal vreemd. In onder meer Helmond zijn systemen toegepast waarbij een drukknop naast geluid ook kan trillen bij groen. Technisch lopen beide landen dus minder ver uiteen dan het straatbeeld op het eerste gezicht doet.

Dit merk je pas als je weet waar je op moet letten

Voor de Nederlandse automobilist veranderen de verkeersregels hierdoor natuurlijk niet. Toch is het zo'n detail dat je waarschijnlijk ineens overal gaat herkennen zodra je weet waarvoor het dient.

Sta je de volgende keer in Duitsland naast zo'n geel kastje, kijk dan eens aan de onderkant. Misschien zie je de pijl of de tweede bediening zitten. En hoor je bij de oversteek een langzaam kloppend geluid, dan weet je voortaan dat het geen vreemde storing is.

De mythe van een geheime knop voor sneller groen is daarmee een stuk minder spannend dan de werkelijkheid. Want de functie is niet bedacht om een paar seconden wachttijd te besparen, maar om ervoor te zorgen dat iemand die het verkeerslicht niet kan zien toch zelfstandig aan de overkant komt.